VERWARMING  
Install Magazine 982 – maart 2022

Nieuwe generatie biobrandstoffen

Klaar voor de stap naar industriële schaal

Biobrandstof heeft een groot potentieel voor de decarbonisering van de economie. Het is immers een manier om het probleem aan de basis aan te pakken: als we fossiele brandstoffen vervangen door hernieuwbare, komt er geen extra CO2 vrij in de atmosfeer, terwijl we de bestaande infrastructuur en technieken kunnen blijven gebruiken. Er wordt dus volop onderzoek gedaan naar nieuwe methoden om biobrandstof te produceren. Een recent webinar van ETIP Bioenergy gaf een overzicht.

Generaties van biobrandstoffen

ETIP (European Technology and Innovation Platform) Bioenergy is een industrieplatform voor bedrijven die actief zijn in de biobrandstofsector in de ruime zin. Het is een project met Europese steun om informatie-uitwisseling en innovatie te bevorderen. In het recente evenement werd onder meer ingegaan op de ontwikkeling van vloeibare brandstoffen.

Veel wordt verwacht van de zogenaamde derde generatie of ‘geavanceerde’ biobrandstoffen. De eerste generatie werd geproduceerd op basis van gangbare pure plantaardige oliën, zoals koolzaadolie of sojaolie. Voor de tweede generatie werd gebruik gemaakt van afgewerkte oliën en andere afvalstromen van vetten: gebruikte keuken- en frituurolie, dierlijke vetten, residu’s van palmolie.... De derde generatie biobrandstof is op basis van uiteenlopende vaste stoffen die niet zozeer vethoudend, dan wel koolstofhoudend zijn. Dat gaat van allerlei plantaardig materiaal (houtafval, zaagsel, groenafval) over snelgroeiende biomassa (grassen, algen) tot afvalstromen (rioolslib, plastic afval, versleten banden). Op die manier blijft men niet alleen uit het vaarwater van de voedingsindustrie, maar kan men ook afvalstromen valoriseren.

Bekende techniek

In principe zijn deze processen goed bekend. Hydrothermale liquefactie (HTL) of het Fischer-Tropsch procédé stammen uit het begin van de twintigste eeuw. Er is echter weinig recente ervaring mee op industriële schaal. Die ervaring is echter nodig om tot een vloeistof met consistente eigenschappen te komen die op de markt kan gebracht worden. Tevens zijn er aspecten zoals corrosie of houdbaarheid op lange termijn die men in de greep moet krijgen. Bij dat alles is het niet zeker in hoeverre de gegevens uit pilootprojecten overdraagbaar zijn op industriële productie. De sector heeft er wel alle vertrouwen in dat een grootschalige productie haalbaar is. Het komt er nu op aan om industriële projecten op te starten, en de kinderziekten weg te werken.

Welke toepassing?

Gezien de grondstoffen beperkt zijn en de productieprocessen omslachtig blijven, zullen deze brandstoffen het huidige verbruik van vloeibare brandstoffen nooit kunnen dekken. Ze worden gezien als een alternatieve motorbrandstof voor sectoren die moeilijk te elektrificeren zijn, zoals luchtvaart of scheepvaart. Met deze processen kunnen ook grondstoffen gemaakt worden voor de chemische industrie, bijvoorbeeld voor bioafbreekbare kunststoffen. Hier is hoe langer hoe meer vraag naar als alternatief voor aardoliederivaten. Het is dus waarschijnlijk dat er in een eerste fase een relatief kleinschalige productie zal worden opgestart voor enkele toepassingen met een hoge toegevoegde waarde.

Door Alex Baumans

www.etipbioenergy.eu