EVENEMENTEN  
Install Magazine 965 – november 2019

Warmtepompplatform roept op tot actie

Twaalfde warmtepompsymposium

Het warmtepompsymposium is de jaarlijkse afspraak voor iedereen die met deze techniek te maken heeft in Vlaanderen. Deze twaalfde editie trok een 150-tal deelnemers, met een gezonde mix van stakeholders: de grootste groep werd gevormd door de fabrikanten, maar er waren ook kennisinstellingen, federaties, overheden, installatiebedrijven... onder de aanwezigen. Een eerste vaststelling is dat warmtepompen stilaan hun plaats veroveren op de markt, zeker in nieuwbouw. Er is nog echter een hele weg af te leggen.

Warmtepomp als deel van de oplossing

Het symposium vond dit jaar in een bijzonder toepasselijke locatie plaats: het Herman Teirlinck gebouw van de Vlaamse Gemeenschap aan de Brusselse kanaalzone, het grootste passiefkantoorgebouw van België. Het thermisch comfort ervan wordt verzekerd door een warmtepompinstallatie met koude-warmte-opslag in de bodem. Er was trouwens gelegenheid voor een geleid bezoek in het kader van het symposium.

In zijn openingstoespraak benadrukte Wim Boydens, co-voorzitter van het WPP, de rol van de warmtepomp in de energietransitie. Belangrijk daarbij is dat men de warmtepomp ziet als onderdeel van een systeem. De oplossing voor het energievraagstuk bestaat immers niet uit één enkele techniek, maar uit een combinatie ervan in een systeem. Wim Boydens ziet hier kansen in de energiegemeenschappen uit de visie van de EU. Deze organisaties kunnen het energielandschap op wijkniveau benaderen en aangepaste systemen ontwikkelen.

Luc De Smet, de andere co-voorzitter van het WPP, ging dan in op meer concrete maatregelen om de energietransitie te versnellen. Een eerste voorwaarde is de energie-taxshift. De prijskloof tussen fossiele brandstoffen en elektriciteit blijft beschamend hoog. Zolang de CO2-uitstoot niet op een of andere manier in de brandstofprijs verrekend wordt, blijft de warmtepomp financieel in het nadeel.

Een concreet hulpmiddel om renovatie in goede banen te leiden is de beslissingsboom duurzame verwarming die wordt uitgewerkt door het VEA. Voor woningen die niet worden aangesloten op een warmtenet, ligt de nadruk op het creëren van de randvoorwaarden voor een warmtepomp, meer bepaald isolatie en een lage-temperatuur afgiftesysteem.

Hij pleitte ook voor het opstellen voor een warmtekaart en een uitrolscenario voor warmtenetten. Dat geeft eigenaars en investeerders een houvast in het ontwerp van het verwarmingssysteem. Er moet ook een aangepaste regeling komen voor appartementen, zodat een vereniging van mede-eigenaars al kan beginnen om renovatieplannen op te stellen. Tevens moet het voorkomen worden dat enkele dwarsliggers in zo een vereniging het hele beslissingsproces kunnen blokkeren.

Mogelijkheden en toepassingen

Voor renovatie is een lokaal warmtenet aangedreven door een warmtepomp een interessante oplossing. Dat werd bewezen door het proefproject De Schipjes in Brugge. Het ging hier om de renovatie van een historisch woonerf met 11 kleine woningen. De mogelijkheden voor een ingrijpende renovatie waren beperkt. Ten eerste ging het om kleine woningen en ten tweede moest het historisch karakter van het geheel bewaard blijven. Een klein warmtenet verbonden aan een centrale stookplaats met een warmtepomp en zonnecollectoren bood uitkomst. Het SWW wordt dan decentraal geproduceerd met een booster warmtepomp. Zo kan men volstaan met lage temperaturen in het warmtenet, wat het rendement ten goede komt. Dit project bewees ook hoe belangrijk een aangepast regelstrategie was om het comfort te verbeteren en het verbruik binnen de perken te houden.

Bij dit project werd de installatie ook lichtjes ondergedimensioneerd ten opzichte van de gangbare warmteverliesberekening. Dat hoeft geen probleem te zijn; de huidige berekeningsmethode is immers ruim bemeten en leidt doorgaans tot een overdimensionering. Dat laatste is nadelig voor een warmtepomp en daarom probeert men vanuit het WTCB om een nauwkeurigere methode op te stellen.

En het E-peil?

Met alleen een technisch goed werkend systeem zijn we er nog niet; het moet ook nog correct kunnen ingebracht worden in de EPB-berekening. Hoe dat concreet in zijn werk gaat, werd uitgelegd door Annemie De Kooning van Oved, de vereniging van energiedeskundigen. Een opvallende vaststelling: in de loop van de jaren komt een warmtepomp steeds beter uit de berekening. Een woning met een geothermische warmtepomp die een score van E42 zou halen met de berekeningsmethode voor een bouwaanvraag in 2016, ziet zijn E-peil dalen tot E32, als de aanvraag wordt ingediend met de methode van 2018. Ook de mogelijkheid om passieve vloerkoeling in te voeren, speelt in het voordeel van een warmtepomp.

Aanbevelingen aan het beleid

De dag werd afgesloten met een expertenpanel dat gevraagd werd naar aanbevelingen voor het beleid. Dat bestond uit Danielle Devogelaer (Federaal Planbureau), Glenn Reynders (Vito/Energyville), Ivan Verhaert (UA) en Eric Waumans (Thercon). Het beleid zou zich meer moeten richten op renovatie. Hier is een enorm potentieel, dat nauwelijks benut wordt. Men zou kunnen denken aan minimale eisen voor energieprestatie bij renovatie, zodat er niet langer suboptimaal gerenoveerd wordt. Tevens moeten de voordelen van een warmtepomp beter in de verf gezet worden, en dan in de eerste plaats de mogelijkheden voor zomercomfort. De gemiddelde gebruiker is nog altijd beter te motiveren door comfortwinst dan door energie-efficiëntie. Om de stap van de hoge begininvestering gemakkelijker te maken, kan een leasingformule uitkomst bieden. Met name in Nederland worden hierin de eerste stappen gezet, en ook in ons land zijn er initiatieven. Maar ook het panel besloot dat de hoge elektriciteitsprijs de belangrijkste drempel bleef.

Door Alex Baumans

Figuren: ODE

www.ode.be