OPLEIDING
Install Magazine 962 – augustus 2019
Mensen warm maken voor techniek
Energie-opleidingen in de T2-campus in Genk
We hebben nood aan technisch geschoolde profielen, dat zal niemand bestrijden. Naarmate de technieken echter ingewikkelder en gevarieerder worden, krijgen opleidingsinstellingen het ook moeilijker om de gepaste infrastructuur aan te bieden. Versnippering van de middelen moet dan vermeden worden. Daarom werd er in Limburg de T2-campus opgericht. Dit is een samenwerking tussen SYNTRA, VDAB en de Stad Genk om de krachten te bundelen en een gemeenschappelijke campus te bouwen waar zowel werkzoekenden, beroepsactieven als studenten en leerlingen in terecht kunnen.
Openheid en techniek uitstralen
De T2-campus wordt beheerd door een apart orgaan, waar de verschillende partners in participeren. Het geheel kwam tot stand met Europese steun en maakt deel uit van het Strategisch Actieplan voor Limburg in het Kwadraat (SALK). Alles is ondergebracht in een gloednieuw gebouw van 24.000 m2 op het Thor Park in Genk. Met dit gebouw wilden de initiatiefnemers de technieken letterlijk in de etalage zetten: het ontwerp is open en helder gehouden, en de labo’s hebben glazen wanden naar binnen en buiten. Zowel voorbijgangers als gebruikers hebben dus altijd zicht op techniek. Het is dan ook de bedoeling om mensen warm te maken voor STEM en alles wat T2 te bieden heeft.
Er zijn vier grote sectoren, elk met een eigen labo: Elektro, IT, New Materials en New Energy. Dat laatste omvat onder meer de klassieke opleidingen installatie- en verwarmingstechniek, evenals koeltechniek, dat alles aangevuld met hernieuwbare energie en slimme elektriciteitstoepassingen zoals smart grids. De cursisten maken er niet alleen kennis met de huidige techniek, maar worden ook klaargestoomd voor de energietransitie van morgen
Gedeelde infrastructuur
Kern van het concept van de T2-campus is dat de infrastructuur gebruikt kan worden door de verschillende partners: de VDAB organiseert er cursussen voor werkzoekenden, SYNTRA biedt er de ondernemersopleiding en dagopleiding aan en Stad Genk coördineert er alle activiteiten voor het dagonderwijs, van basisscholen, tot en met universiteit. Bij de oprichting hebben de partners hun materiaal, mensen en middelen gebundeld. Op die manier kunnen cursisten van alle niveaus gebruik maken van een breed aanbod aan materiaal op een enkele plaats. SYNTRA heeft bijvoorbeeld al haar HVAC-R technieken in deze campus gecentraliseerd, zowel de opleiding verwarmings- en installatietechnieken uit het nabijgelegen Winterslag als de richting koeltechnieken uit Hasselt.
Verrijking door uitwisseling
Typisch voor de labo’s is dat alle technieken zich in een grote open ruimte bevinden: er zijn geen aparte lokalen per niveau of specialiteit. De aanleg van de praktijkruimte was dus al een leerrijke ervaring voor de medewerkers van de verschillende partners, door de uitwisseling van ideeën en ervaringen over de inrichting. Het resultaat zijn labo’s die aan de strengste eisen qua veiligheid en technische standaarden beantwoorden.
De kruisbestuiving tussen de verschillende partners wordt ook doorgetrokken naar de cursisten. Zo kan er bijvoorbeeld in het New Energy gedeelte een cursus verwarmingstechniek doorgaan voor de VDAB, terwijl er in een andere hoek SYNTRA cursisten zich bekwamen in koeltechnieken voor een certificatie en er in een derde gedeelte scholieren montagetechnieken onder de knie trachten te krijgen. Aanvankelijk werd wel gevreesd dat die vermenging tot chaos zou leiden, maar de wisselwerking blijkt wonderwel te werken. Het motiveert vaklui om buiten de eigen specialiteit te kijken. Mensen die het vak willen leren komen zo ook in contact met professionals die al actief zijn in de sector. Bovendien zijn er geen schotten tussen organisaties: SYNTRA houdt er cursussen voor werkzoekenden en werknemers kunnen er ook bij VDAB terecht.
Van fossiele brandstof tot smart grid
Het labo voor New Energy omvat onder meer een stookstraat met 55 ketels die het hele gamma afdekken, met toestellen op aardgas, stookolie of pellets, zowel nieuwere modellen als oudere die men nog in bestaande installaties aantreft. De warmte van deze ketels wordt opgeslagen in een buffervat, dat de verwarming van het hele gebouw ondersteunt. Eenmaal het warmtenet voor de site operationeel is, wordt het buffervat ook daarop aangesloten. De opleiding in koeltechnieken heeft onder meer vier koelcellen, waarvan een met een installatie op CO2.
Een tweede blikvanger is het Smart House. Dit is een echt huis met twee verdiepingen. Op het gelijkvloers kunnen cursisten uiteenlopende HVAC-technieken plaatsen: ketels, warmtepompen, ventilatie, afgiftesystemen of sanitair. De bovenverdieping is gewijd aan regelingen en smart systems, met onder meer domotica en verschillende types van elektrische batterijen. Het huis is ook voorzien van een schuin dak, waarop zowel thermische als PV-zonnepanelen kunnen worden aangelegd.
Op het dak van de T2-campus zelf gaat men nog een stap verder: daar staan zonnepanelen en windturbines opgesteld, zodat de cursisten de werking in de praktijk kunnen nagaan in het Smart House of het Smart Grid labo. Hier bevinden zich ook buitenunits van warmtepompen en airconditioning om de toestellen in praktijkomstandigheden te laten werken.
Neusje van de zalm is het Smart Grid lab. Aan de hand van tien schakelborden kunnen cursisten leren hoe een elektriciteitsnet werkt en hoe een slim net reageert op wisselend aanbod en belasting. De borden simuleren daarbij verschillende componenten van een elektriciteitsnet: klassieke centrales, PV-systemen, windturbines, verbruikers, batterij-opslag… Elk bord heeft een computer met verschillende opdrachten die de cursisten dan zelfstandig kunnen afwerken. Ook deze opstelling wordt nog uitgebreid met extra borden, om zo verschillende types van klassieke centrale gemakkelijk te kunnen simuleren.
Van buizen plooien tot netbeheer
Het cursusaanbod is bijzonder breed en gaat van eenvoudige montagetechnieken tot de aspecten van het energienet van de toekomst. Ook hier wordt ingezet op samenwerking en complementariteit. Zo hebben bijvoorbeeld de cursussen van SYNTRA en VDAB een andere doelgroep en opzet. SYNTRA wil vakmensen opleiden om een eigen zaak te kunnen beginnen, en werkt met vaste programma’s en inschrijvingsdata. De VDAB wil werkzoekenden zo snel mogelijk aan een baan helpen, en organiseert zijn cursussen in functie van het aantal werkzoekenden en de vraag van de markt. Toch zijn er ook raakpunten. VDAB heeft bijvoorbeeld enkele opleidingen van SYNTRA erkend, zodat werkzoekenden daar ook in kunnen meestappen en uitstromen naar een job in de sector. Op die manier versterkt het aanbod van beide organisaties elkaar.
Ook met scholen zijn er verschillende vormen van samenwerking. Dat begint met ‘train the trainer’ initiatieven om de docenten bij te scholen. De scholen kunnen gebruik maken van de infrastructuur voor hun praktijklessen. Verder zijn er studenten van het hoger onderwijs die hier hun eindwerk komen maken.
Tenslotte onderhoudt T2 nauwe contacten met de bedrijfswereld. Zo houdt de organisatie de vinger aan de pols om te weten welke kennis en competenties de markt vraagt. De samenwerking gaat in de twee richtingen. Er zijn partner-bedrijven die steun verlenen bij het uitwerken van de cursussen, materiaal leveren of zelfs docenten afvaardigen om lessen te geven in de campus. Omgekeerd kan men vanuit T2 bijscholingen organiseren of cursussen op maat maken voor de bedrijven.
De ontwikkeling staat niet stil. Het T2-team is constant op zoek om het aanbod nog te verbeteren. Als het van de T2-campus afhangt, behoort het tekort aan technici straks tot het verleden.
Door Alex Baumans
t2-campus.be











