MEET- EN REGELTECHNIEK  
Install Magazine 954 – oktober 2018

Met BIM naar een digitale kopie van elk gebouw?

Expertise van Siemens in slimme gebouwen

In het Building Information Management (BIM)-traject, meer bepaald Design-Build-Operate-Rebuild, situeert de Siemens-expertise zich in hoofdzaak in de Operate-fase. “Hier wordt het belang van intelligente systemen zoals de branddetectie, toegangscontrole of een klimaatregeling echt duidelijk. Deze systemen zijn bepalend voor de werking van een gebouw”, aldus Jochen Verboven verantwoordelijke Engineering & Digitalization binnen Siemens Building Technologies en lid van de BIM-cluster geleid door het WTCB.

Het Siemens Building Technologies portfolio omvat in grote lijnen systemen die een gebouw beveiligen of automatiseren op het vlak van onder meer brand, veiligheid en HVAC-regelingen. “Deze Smart Systems, gecombineerd met een aantal technologieën zoals BIM leiden tot zogenaamde Smart Buildings, aldus Jochen Verboven.

BIM verbindt systemen

“Building Information Management (BIM) wordt steeds meer de link die alle systemen in een gebouw, verbindt, of men het nu van de gebruikerszijde, dan wel uit de Facility Management-hoek bekijkt. In het klassieke BIM-traject – Design-Build-Operate-Rebuild – situeert de ontwikkeling van projecten zich in de Design-fase. In die fase is er de Siemens Revit Plug In, die een 2.100-tal verschillende producten (vooral brand- en HVAC-gerelateerd) omvat. Hierin is zowel geometrische als technische informatie van de producten in diverse detailniveaus beschikbaar. We merken dat steeds meer grotere aannemingsbedrijven het traditionele, soms conflictueuze, bouwmodel inruilen voor werken volgens het BIM-proces dat samenwerking en coöperatie met andere actoren in het proces aanmoedigt. Bij bouwheren merken we vooralsnog meer voorbehoud”, aldus Verboven.

Build tegenover Operate

“In de Build-fase van het BIM-traject ligt vandaag een zeer groot voordeel in zogenaamde conflictvermijding, waarbij je digitaal conflicten tussen bouwelementen detecteert voor je dat in de praktijk moet vaststellen, waar dat vaak grote kosten of tijdsvertraging met zich meebrengt. Meer ‘digitaal’ inzicht in de processen tijdens de bouwfase (zoals prefabricage) sluit een aantal risico’s uit”, aldus Jochen Verboven. “In de Operate-fase ligt dit anders. Hier wordt het belang van slimme systemen zoals branddetectie, toegangscontrole of klimaatregeling echt duidelijk. In de exploitatiefase zijn deze systemen bepalend voor de werking van een gebouw. Denk aan een eventuele bestemmingswijziging van een ruimte in een ziekenhuis: men wil pakweg een niet-technische ruimte omvormen tot een technische ruimte om er een scanner te installeren. Het BIM-model laat toe uit te maken op welke manier bepaalde comfort- en veiligheidstechnieken bij voorkeur worden geïntegreerd.”

Tactieler en intuïtiever

“In de bouwwereld van vandaag merken we verschillende mogelijkheden en opinies. Bouwheren van gebouwen die vandaag worden opgeleverd, maar waarvan de ontwerpen dateren van vijf of tien jaar geleden, stellen zich de vraag hoe ze het BIM model nog verder in operationale fase kunnen blijven gebruiken. Anderzijds kan men bestaande gebouwen via 3D-meettechnieken volledig in kaart brengen, zowel wat de geometrie als bepaalde exploitatiespecifieke componenten betreft”, aldus Verboven. Hierdoor ontstaan nieuwe mogelijkheden. Je kan bijvoorbeeld een Siemens Desigo CC gebouwenbeheersysteem (GBS) koppelen met een extern BIM-model. Een GBS laat vandaag al toe om realtime informatie van technische installaties te tonen en erop te reageren. Door de koppeling met BIM zet men een eerste stap in de richting van een digitale kopie van het gebouw, waarbij men zich virtueel doorheen het gebouw begeeft en de gebouwdata meteen zeer intuïtief kan bekijken. Ook “verborgen” technische systemen (onder valse vloeren, boven valse plafonds) kan men zo visualiseren en daardoor de interventietijd bij een storing in grote mate reduceren. Ook wie de site in kwestie niet gedetailleerd kent, zoals de eindgebruiker of huurder van het gebouw, heeft hiermee een nuttige tool in handen.”

Een gebouw is geen auto, en vice versa

Als leverancier van technologie is Siemens ook in de maakindustrie actief waar het Product Lifecycle Management (PLM) software aanbiedt. Denk aan het design van een voertuig, waarbij software het mogelijk maakt een product virtueel te ontwerpen, uit te werken hoe het voertuig wordt gebouwd (productielijnen, tijden, efficiënties…), en via simulaties een aantal technische parameters uit te testen. Zo ontstaat een digitale kopie en wordt predictief onderhoud mogelijk. BIM laat toe om in de bouwwereld hetzelfde principe toe te passen. Door in de ontwerpfase bepaalde stukken informatie (architectuur, stabiliteit…) te koppelen kan er een 3D-simulatie van een gebouw worden gemaakt. In de operationele fase laat BIM toe het onderhoud van het gebouw te vereenvoudigen.

Maar er zijn ook verschillen. Terwijl er in de maakindustrie heel wat partijen samen een product zoals een auto definiëren, kenmerkt de bouwwereld zich door maatwerk: elk gebouw is anders”, aldus Verboven. “Het combineren van Smart Systems met andere technologieën zoals BIM en indoorpositioning, leidt tot Smart Buildings. Dat resulteert bijvoorbeeld in heatmaps van een gebouw die de gebruiksgraad ervan aangeven. Dat kan interessant zijn om de meest aangewezen specifieke onderhoudswerkzaamheden na te gaan, of voor de afrekening van de kosten in de gemeenschappelijke voorzieningen van een gebouw. Zo kan het verband tussen onderhoud en energiekost worden nagegaan en een model per gebruikseenheid (in plaats van per m²) worden uitgewerkt.”

Indoorpositioning

Er zijn heel wat toepassingen in de operationele fase van het BIM-traject. “Denk aan indoorpositioning, waarbij men objecten kan lokaliseren die uitgerust zijn met een bluetooth-baken. Dat is bruikbaar als zelfstandig systeem, maar de combinatie met geografische informatie in het BIM-model zorgt voor een efficiënter gebruik van het gebouw. Een toepassing is smart office, waarbij men sneller een collega, een vergaderruimte… kan vinden. Men kan ook sneller informatie doorsturen bij noodsituaties. Indoorpositioning is als het ware het basismechanisme om heatmaps op te starten”, zegt Verboven.

Evacuatieoefening

De lokale brandweervoorschriften leggen meestal op hoelang het evacueren van een gebouw maximaal mag duren. Werken met BIM maakt duidelijk welke mogelijkheden er zijn. Een 3D-simulatie kan een beeld schetsen van een ‘optimale’ evacuatieoefening. Indien bepaalde uitgangen geblokkeerd worden, en iedereen langs dezelfde nooduitgang moet worden ontzet, wordt het moeilijker. Dit heeft botsingen en vertragingen tot gevolg waardoor de evacuatietijd oploopt.

Door Philip Declercq

Foto’s: Siemens

www.siemens.be