WARMTEPOMPEN
Install Magazine 1004 – september 2025
EHPA wijst op onbenut potentieel warmtepompen
Vereniging stelt marktcijfers voor
EHPA groepeert de Europese warmtepompsector en publiceert elk jaar een marktoverzicht van 19 Europese landen, op basis van data aangeleverd door de leden. Begin juli werden de cijfers voor 2024 voorgesteld. Vorig jaar was geen goed jaar voor de warmtepompsector: na een eerste terugval in 2023 na de piek in 2022, zette de daling zich sterk door in 2024. Toch is er hoop. Uit de eerste gegevens voor 2025 kunnen we afleiden dat de verkoop zich stabiliseert, zij het op een lager peil. EHPA vindt deze ontwikkeling bijzonder zorgwekkend: net nu we meer warmtepompen nodig hebben om de afhankelijkheid van gas te verminderen, worden er minder verkocht. Opvallend is wel dat het marktaandeel van warmtepompen in Europa sterk uiteenloopt. EHPA pleit er dan ook voor om de ervaringen van mature markten te gebruiken om startende markten aan te zwengelen.
Tegenvallende cijfers
In 2024 kende de markt een stevige terugval: van ongeveer 3 miljoen stuks in 2023 naar 2,3 miljoen. Binnen de landen liepen de resultaten sterk uiteen: de Duitse markt halveerde ongeveer, terwijl de verkoop in het Verenigd Koninkrijk met 56% steeg, weliswaar vanaf een erg lage basis. De algemene daling moet in een bredere context geplaatst worden. Door de energiecrisis na de inval in Oekraïne kende de markt een pijlsnelle stijging in 2022, die nog in grote mate aanhield in 2023. Nu de toestand genormaliseerd is, valt de verkoop weer terug op het niveau van 2021. De daling heeft ook te maken met het algemene economische klimaat, waarbij bedrijven en gezinnen een afwachtende houding aannemen en grote uitgaven zoveel mogelijk uitstellen.
Uitgesplitst naar types blijken lucht-lucht warmtepompen het meest crisisbestendig te zijn. Onder deze categorie telt EHPA alleen die toestellen die in belangrijke mate gebruikt worden voor verwarming. Dit type toestel staat sterk in zuiderse landen, waar er zowel een koel- als verwarmingsbehoefte is. Lucht-water warmtepompen, daarentegen, verloren ongeveer een derde (van 1.384.000 naar 916.000), net als bodem-water warmtepompen (van 154.000 naar 102.000). Deze laatste worden voornamelijk in noordelijke streken verkocht. Hoe lager de buitentemperatuur kan worden, hoe meer uitgesproken de rendementswinst van een geothermische warmtepomp is vergeleken met een lucht-water. Ook warmtepompboilers kregen klappen, zij het minder uitgesproken van 369.000 stuks naar 292.000. Bovendien blijft de markt nog ver boven het niveau van 2020.
Cruciaal voor de energietransitie
EHPA benadrukte de rol van warmtepompen in het verminderen van onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Dat is zowel gunstig voor de energietransitie als voor de bevoorradingszekerheid. De vereniging becijferde dat het bestaande warmtepomppark in Europa ongeveer 24 miljard kubieke meter aardgas heeft uitgespaard. Bovendien is overschakeling op een warmtepomp altijd een energiebesparing, ook als ze in de plaats komt van een bestaande directe elektrische verwarming. Door het lagere opgenomen vermogen wordt het net immers minder belast. Die rol wordt ook erkend door EU, die warmtepompen heeft opgenomen in het energiebeleid. Om die doelstellingen te halen, zouden er snel meer warmtepompen moeten komen, terwijl we zien dat het net de verkeerde kant opgaat.
Potentieel benutten
Er zijn aanzienlijke onderlinge verschillen tussen de landen. In Noorwegen, sinds jaar en dag koploper op de warmtepompmarkt, worden er 48 warmtepompen per 1000 gezinnen verkocht. Uitgaande van een levensduur van 20 jaar betekent dit dat de Noorse markt hoofdzakelijk een vervangingsmarkt is. Aan het andere eind hebben we het Verenigd Koninkrijk met 3,5 stuks per 1000 gezinnen. Er is dus een enorm potentieel dat onbenut blijft.
Cruciaal om het marktaandeel op te krikken, is, hoeft het nog gezegd, de prijsverhouding tussen elektriciteit en gas. Dat is de meest bepalende factor voor het succes van warmtepompen. Waar de verhouding slecht zit, kan overheidssteun soelaas bieden. Dat is een effectieve manier om de verkoop op te krikken, zoals het voorbeeld van Ierland bewijst. Dat land bengelde traditioneel aan de staart als het om het marktaandeel ging, net als het Verenigd Koninkrijk. Door een voluntaristisch steunprogramma is Ierland nu naar de vijfde plaats geklommen met 17 warmtepompen per 1.000 gezinnen in 2024, meer dan Nederland. Het nadeel van die aanpak is wel dat de markt net zolang blijft lopen als er steun is. Valt die weg, bijvoorbeeld door een regeringswissel, zakt de verkoop weer als een pudding in elkaar. De dalende cijfers van Italië zijn daar een mooi voorbeeld van. EHPA pleit dan ook voor structurele steun voor de sector, willen we Europese ambities waarmaken.
Tenslotte wijst EHPA ook op het economisch belang van de sector. Er wordt veel gesproken over desindustrialising van Europa. Europa staat echter sterk in warmtepompen, zowel in ontwikkeling als in productie. Vanuit algemeen economisch perspectief loont het de moeite om deze toekomstgerichte techniek verder uit te bouwen. Zo creëert men niet alleen welvaart, men verhoogt ook de technologische zelfstandigheid van de EU in een cruciale techniek. EHPA roept dan ook op tot een warmtepompvriendelijk beleid.
Door: Alex Baumans
Grafieken: EHPA











