VERWARMING  
Install Magazine 1000 – oktober 2024

Putconvectoren geschikt maken voor lage-temperatuurverwarming

Putconvectoren zijn slecht geschikt voor combinatie met lage-temperatuurverwarming. Dat heeft te maken met het werkingsprincipe. Putconvectoren maken gebruik van natuurlijke convectie om de warme lucht te verspreiden. Als de afgiftetemperatuur te laag is, ontstaat er te weinig thermiek en dan is er onvoldoende convectie om de ruimte te verwarmen. Dat is een nadeel als men wil overschakelen op een zuinigere manier van verwarmen met lagere temperaturen, zoals een warmtepomp. Barend Kloppenburg uit Nederland heeft zich met dit probleem beziggehouden en heeft een originele oplossing ontwikkeld.

Luchtstroom activeren

De werking van standaard putconvector is gebaseerd op het natuurlijk stijgeffect van warme lucht. De convector creëert een luchtcirculatie in de put. Daarvoor is de put in twee verdeeld door een schot. In het ene deel zit de convector en langs het andere deel wordt de koude lucht aangezogen. Het schot zorgt ervoor dat de warme lucht direct opstijgt en de binnenkomende koude lucht langs onder door de convector moet stromen. De werking van deze elementen is voorzien op vertrektemperaturen van 70 tot 90°C, gangbare regimes in traditionele verwarmingssystemen. Wordt de aanvoertemperatuur van de convector te laag, dat valt de natuurlijke circulatie stil en is er geen verwarmingseffect. Putconvectoren zijn dus weinig geschikt voor lage-temperatuurverwarming.

De fabrikanten van verwarmingslichamen zijn zich uiteraard van deze problematiek bewust. De gangbare oplossing bestaat erin om de convectoren uit te rusten met boosterventilatoren. Deze zorgen ervoor dat er voldoende luchtstroming is, ongeacht de luchttemperatuur. Zo kan de warmte in de ruimte verspreid worden, ook bij lagere verwarmingsregimes.

Volgens Barend Kloppenburg heeft deze aanpak echter een nadeel. De ventilatoren bevinden zich tussen de convector en het vloerrooster. Dat rooster veroorzaakt drukverlies, waardoor er een ophoping van warme lucht tussen het rooster en de ventilator ontstaat. Dat kan tot recirculatie van de warme lucht leiden, wat de nuttige afgifte van de convector vermindert.

Recirculatie vermijden

Barend Kloppenburg heeft daar een eenvoudige oplossing voor. De ventilatoren worden gemonteerd in een afdekplaat, die de bovenkant van de convector afsluit. Dat vermijdt recirculatie: alle aanzuiglucht moet nu via de opening voor de koude lucht komen.

De hele configuratie kan door een vakman zelf gerealiseerd worden met gemakkelijk beschikbare materialen. Als ventilatoren raadt Barend Kloppenburg de toestellen voor computerkoeling aan. Ze zijn compact, geluidsarm en kunnen gemakkelijk met een temperatuursturing worden gecombineerd.

En de praktijk?

Dit is een kostenefficiënte manier om bestaande CV-installaties geschikt te maken voor warmtepompen, omdat het bestaande afgiftesysteem behouden kan blijven. Het levert bovendien ook een besparing op met gangbare condensatieketels, omdat het verwarmingsregime lager kan. Barend Kloppenburg stelt deze techniek vrij beschikbaar voor installateurs en zelfbouwers. Hij heeft een groot vertrouwen in deze oplossing: “het is al toegepast in honderden gevallen en ik moet de eerste klacht nog horen,” klinkt hij overtuigd.

Door Alex Baumans

Figuren: Barend Kloppenburg

b.kloppenburg@wxs.nl