VENTILATIE EN KLIMATISATIE
Install Magazine 983 – april 2022
Ventilatie en geluid
Ventilatie is niet meer weg te denken in een bouwproces. Langs de ene kant is het verplicht voor elke nieuwbouw of energetische renovatie, langs de andere kant is het de oplossing om het binnenklimaat optimaal gezond te houden. Ventilatie biedt vele voordelen voor de gebruiker, maar kan ook ongemak veroorzaken. Een van de grootste uitdagingen bij ventilatie-installaties is het risico op geluidsoverlast.
In een moderne goed geïsoleerde woning, met een hoge luchtdichtheid, is er nog maar weinig geluidsinfiltratie van buiten naar binnen. Dit betekent dat elk geluid binnen de woning meer hoorbaar is dan in een oude woning, omdat er geen tegengeluid van buiten komt. Daarom is het van zeer groot belang om alle elementen die mogelijk geluidsoverlast kunnen veroorzaken op voorhand in te schatten. Hieronder gaan we in de op de voorbereiding. De installatie is de verantwoordelijkheid van de vakman, als dit niet goed gebeurd is dan is het bij voorbaat al moeilijk om een geluidsvrije ventilatie te verkrijgen.
Bovenal dient de aandacht te gaan naar onderstaande:
1. Dimensionering van het toestel
2. Dimensionering van de kanalen
3. Optimalisatie luchtverdeling
4. Keuze materialen
1. Dimensionering toestel:
Elk toestel heeft zijn eigenschappen, uitgedrukt in een drukcurve. Hierop kan je aflezen aan welke snelheid een ventilator moet draaien om een bepaalde hoeveelheid lucht te laten stromen bij een bepaalde weerstand. Hoe sneller een motor draait, hoe meer geluid deze maakt. Het is dus van groot belang om het juiste toestel te kiezen met de eigenschappen die nodig zijn om het debiet in de woning te behalen aan een aanvaardbare geluidsdruk. Over het algemeen geven fabrikanten hun geluidsgegevens mee met de drukcurves zodat je kan zien hoeveel geluidsdruk bij welke ventilatorinstelling gegenereerd wordt. Het is hierbij dus van groot belang dat er geen toestel op zijn limiet wordt gebruikt, want dit zorgt voor een te hoge kastuitstraling maar evengoed een verhoogde geluidsdruk in de kanalen.
2. Dimensionering van kanalen
Een buis waardoor lucht stroomt, wekt weerstand op. Deze weerstand moet overwonnen worden door de ventilator anders komt er geen lucht uit het eindventiel. Hoe meer weerstand er moet overwonnen worden, hoe meer geluid de ventilator zal maken. Daarbij komt nog dat lucht doorheen een kanaal een bepaalde snelheid krijgt, hoe meer debiet hoe hoger de snelheid zal zijn door eenzelfde kanaal. Hoe groter het kanaal, hoe lager de snelheid. Lucht die aan een hoge snelheid verplaatst wordt turbulent waardoor extra stromingsgeluid geregenereerd wordt.
Ook de luchtverdeeldozen, ventielaansluitstukken en andere componenten van het luchtverdeelsysteem hebben een belangrijke invloed op de weerstand van het systeem. Als er luchtgeleiders voorzien zijn in deze hulpstukken zullen die een invloed hebben op de totale weerstand van het systeem.
Er spelen bij de dimensionering van het luchtverdeelsysteem dus twee factoren:
1. Luchtsnelheid: dit moet onder de 3,5m/s in het kanaal blijven en idealiter 1.5m/s bij de ventielen.
2. Weerstand van het systeem: bij de berekening van de totale weerstand dient deze zo laag mogelijk gehouden te worden om zo een optimaal toestel te kunnen selecteren. Hoe meer weerstand, hoe duurder het toestel of hoe meer kans op geluidsoverlast.
3. Optimalisatie luchtverdeling
Bij het installeren van de ventilatie moet er ook rekening gehouden worden met de plaatsing van de ventielen of de roosters. Een optimale luchtverdeling zorgt niet enkel voor comfortabele luchtstromen maar voorkomt ook turbulente lucht- en of fluitende geluiden. De juiste keuze van ventielen en de juiste plaatsing hiervan is hierbij onmisbaar. Zo mag een ventiel nooit helemaal gesmoord worden want dan is het risico op fluiten aanwezig, ook een slechte doorstroomopening zorgt voor akoestisch discomfort. Een ventiel dat te dicht in de hoek staat kan ook voor akoestische problemen zorgen als de lucht de muur aan een te hoge snelheid raakt en bovendien loop je het risico op vuile strepen op de muur.
4. Keuze van de materialen
De keuze van materialen is dus van buitengewoon belang. Akoestische flexibels of stijve geluidsdempers hebben beide geluidsreducerende eigenschappen maar deze zijn niet dezelfde. Er moet dus gelet worden op de afstemming van de dempers op de geluidsoverlast die een toestel kan maken. Metalen kanalen dempen minder dan flexibele buizen maar zijn dan weer eenvoudiger om te dimensioneren. Ook moet er steeds rekening gehouden worden met de luchtgeleiding in de collectoren en de ventielaansluitstukken. Een goede luchtgeleiding zorgt voor een lagere weerstand en dus lagere ventilatorsnelheid. Een toestel in metaal heeft een hogere kastuitstraling dan een toestel waarvan de ‘doos’ gemaakt is van een akoestisch dempend materiaal.
Ook de keuze van een ventiel heeft buitengewoon veel invloed op het akoestisch comfort. Een ventiel moet inducerend zijn, zo wordt een optimale luchtverdeling gegarandeerd en een lagere geluidsdruk. Ook moet het ventiel steeds aangepast zijn aan het debiet, de uitblaassnelheid van de lucht dient onder controle te blijven!
Voor een comfortabele ventilatie moet er dus rekening gehouden worden met de geluidsproductie van het hele systeem. Voor het succes van een ventilatieoplossing dient men de complete installatie te bekijken en niet enkel een deelelement. Toestel, luchtverdeelsysteem, ventiel en keuze van de materialen zijn allemaal even belangrijk om de klant uiteindelijk het comfort te bieden wat er verwacht wordt.
redactie: Ventiline











