VENTILATIE EN KLIMATISATIE
Install Magazine 978 – september 2021
Criteria voor luchtreinigers voor vaste deeltjes
Aanbevelingen van Rehva
Ventileren is nog altijd de beste manier vervuiling uit de binnenlucht te verwijderen. Dat geldt zowel voor vuildeeltjes als voor aerosolen die mogelijk ziekteverwekkers zoals het coronavirus bevatten. Het is echter niet altijd praktisch haalbaar om in voldoende toevoer van buitenlucht te voorzien. Luchtreinigers kunnen dan een uitkomst bieden. Om efficiënt en veilig te kunnen werken, moeten die toestellen echter aan een aantal criteria voldoen. Nu de coronacrisis de kwestie van binnenluchtkwaliteit bijzonder scherp gesteld heeft, heeft Rehva, de koepelorganisatie van de Europese HVAC-sector aanbevelingen hierrond gedaan. We vatten ze voor u even samen.
Luchtreinigers
Mobiele luchtreinigers zijn in de eerste plaats bestemd om de binnenlucht te filteren van vuildeeltjes. Ze kunnen echter ook het risico op virusbesmetting verminderen, door de aerosols of kleine druppeltjes te verwijderen waarin virussen zich bevinden. In de strijd tegen het coronavirus is dat van evident belang. Een eerste voorwaarde is natuurlijk dat de toestellen veilig moeten werken, zeker als ze gebruik maken van ozon of waterstofperoxide. Verder moet het reinigend effect bewezen zijn. Dat alles moet bepaald worden door onafhankelijke testen en certificeringen.
Clean Air Delivery Rate (CADR)
CADR staat voor het debiet aan zuivere lucht dat het toestel produceert. Het komt overeen met het product van het debiet doorheen het toestel met de efficiëntie van de zuivering. Het is dus mogelijk dat toestel met een laag debiet en een hoge zuiveringsgraad, toch meer schone lucht produceert dan een toestel met een hoger debiet, maar met een lagere zuiveringsgraad. De efficiëntie van de zuivering kan ook verschillen naargelang het type vervuiling. De meest belangrijke categorie vuildeeltjes voor virusbestrijding is 0,3 -0,5 μm. De keuringsinstelling Eurovent Certita heeft de volgende klassen van types vervuiling bepaald: deeltjes van 0,3 tot 0,5 μm, deeltjes van 1 tot 2 μm, deeltjes van 3 tot 5 μm, aceton, acetaldehyde, heptaan, tolueen, formaldehyde, Staphylococcus epidermidis, Aspergillus niger, en Fel-D1 kattenallergeen.
Het effect van een luchtreiniger hangt af van de verhouding tussen CADR, het volume van de kamer, en het ventilatievoud. Om een significante vermindering van virale deeltjes in een ruimte te bereiken (uitgedrukt in de deeltjesklasse van 0,3 tot 0,5 μm), moet de CADR twee keer zo groot zijn als het ventilatievoud, als dat groter is dan 1 luchtwisseling per uur. Daarmee wordt een vermindering van de concentratie aan deeltjes met 70% bereikt. Ligt het ventilatievoud van een ruimte onder 1 luchtwisseling per uur, dan moet de CADR overeenkomen met minstens 2 luchtwisselingen per uur.
Bijvoorbeeld: een ruimte met een volume van 200 m3 heeft een ventilatievoud van drie luchtwisselingen per uur. Om effectief te zijn, moet de CADR minstens het dubbele daarvan bedragen of 200 x 3 x 2 = 1200 m3/h.
In een slaapkamer met een volume van 81m3 en een ventilatievoud van 0,5 luchtwisselingen per uur, moet de CADR echter minstens twee luchtwisselingen bedragen of 2x 81 = 162 m3/h.
Het totale effect op de vermindering van ziektekiemen is dan de som van het ventilatiedebiet en de CADR van het toestel.
Geluid
Geluidshinder wordt uitgedrukt als de geluidsdruk van het toestel. Dat hangt af van de geluidsproductie van het toestel zelf en van de akoestische eigenschappen van de opstelruimte. Een te hoge geluidsdruk zal ertoe leiden dat gebruikers het toestel op een lagere stand zullen zetten, of zelfs helemaal zullen uitschakelen, waardoor het effect op de luchtkwaliteit verminderd wordt, of zelfs helemaal teniet gedaan. Indien er plaatselijke reglementen voor geluidsdruk gelden, moeten die natuurlijk gerespecteerd worden. Voor de andere gevallen geeft tabel 1 aangeraden grenswaarden. Het is belangrijk dat de geluidsdruk moet gemeten worden terwijl het toestel in de werkingsstand is die overeenkomt met de gewenste CADR. Als men bijvoorbeeld alleen op laagstand meet, kan dat tot misleidende conclusies leiden.
Tabel 1: Aangeraden geluidsdruk voor verschillende binnenruimtes
Energie-efficiëntie
De energie-efficiëntie moet worden bepaald aan de hand van de toepasselijke standaardtest, en wordt uitgedrukt als luchtdebiet per eenheid elektrisch vermogen. De keuringsinstelling Eurovent Certita gebruikt klassen van A (> 13 m3/h per W) tot E (< 2 m3/h per W)
Nevenproducten van de werking
Als het reinigingsproces op basis van elektriciteit gebeurt, bijvoorbeeld met fotokatalyse, elektrostatische filters, UV-lampen of plasma-ionisatie-units, moeten ook het ozonpeil getest worden. Dat moet onder 0,05 ppm blijven in de testruimte wanneer de CADR wordt bepaald. De fabrikant moet ook in staat zijn om een rapport over mogelijke schadelijke bijproducten te leveren. Bovendien kunnen gevoelige personen (astmapatiënten of personen met specifieke allergieën) al symptomen vertonen bij ozonconcentraties onder 0,05 ppm. Ozon kan ook chemische reacties in de binnenlucht in gang zetten. Die kunnen dan op hun beurt tot de vorming van stoffen leiden die schadelijker zijn dan ozon zelf.
De positie van Ashrae is dat elke productie van ozon, boven de verwaarloosbare hoeveelheden die elk elektrisch toestel nu eenmaal produceert, als een risico moet gezien worden. Men raadt dus af om luchtreinigers op basis van ozonreacties te gebruiken in ruimtes voor menselijk gebruik. Toestellen die ozon als nevenproduct produceren, moeten met de grootste omzichtigheid gebruikt worden, als de ozonproductie niet verwaarloosbaar is. De voorkeur moet worden gegeven aan toestellen die geen ozon produceren.
Volgens een studie van EPA, het Amerikaanse agentschap voor milieubescherming, is het reinigend effect van ozon op vervuilde binnenlucht pas merkbaar bij concentraties die hoger zijn dan de limieten voor volksgezondheid.
Gebruik
Er zal zich onvermijdelijk stof afzetten op het toestel. Bovendien kan de filter op termijn ook een bron van geur en/of besmetting worden. Daarom moeten gebruikers de onderhoudsinstructies van de fabrikanten nauwgezet opvolgen. De vervuilde filterelementen moeten beschouwd worden als gevaarlijk afval, en moeten met de nodige voorzorgen behandeld worden (zoals persoonlijke beschermingsmiddelen).
De ventilatorsnelheid moet aangepast worden aan de opstelruimte. Bij de opstelling in de ruimte moet het toestel zo geplaatst worden dat er geen obstakels voor een vrije doorstroming zijn, met voldoende afstand van de muur. Er mag ook geen kortsluiting optreden tussen uitblaas en aanzuig.
Door Alex Baumans










