VENTILATIE EN KLIMATISATIE
Install Magazine 963 – september 2019
Een gezonde kijk op ons binnenklimaat
Het Duco-seminar met als thema ‘Binnenklimaatdoelstellingen 2020? Een gezonde kijk!’ gaf een helder overzicht van alle facetten van ons binnenklimaat. Met drie experten-gastsprekers en meer dan 150 aanwezigen op twee locaties was dit een geslaagd kennis- en netwerkevent.
Een ruime groep van voorschrijvers en andere stakeholders werd verwelkomd in AuditoRium4 in Gent en in het LITC van de Europese Logistieke Campus van Nike in Laakdal voor een boeiende studienamiddag rond binnenklimaat. De drie gastsprekers hadden het over de aspecten gezondheid, comfort en energiezuinigheid.
Indoor Air Quality centraal
Na de verwelkoming door Dirk Slagmulder, sales director Duco Belgium, had Dr. Marianne Stranger, projectverantwoordelijke Team Indoor Air Quality, Health Unit VITO, het over binnenluchtkwaliteit. “Luchtkwaliteit is afhankelijk van drie factoren: buitenluchtkwaliteit, gebouwschil – met ventilatie en isolatie als belangrijke onderdelen– en binnenbronnen. Na de buitenlucht is de gebouwschil de tweede beïnvloedende factor. Voor 2006 waren gebouwen met natuurlijke tocht, verluchting… een logisch gegeven. Sinds dat jaar werd er gebouwd met dikkere isolatiepakketten en dus een grotere luchtdichtheid. Zo is de nood aan mechanische ventilatie gegroeid. ‘Hoe beter je ventileert, hoe meer polluenten je afdrijft en hoe beter het binnenmilieu’, verzekerde dr. Stranger. “Vlaanderen is een van de weinige Europese regio’s met een eigen Binnenmilieubesluit. Elke woning en elk publiek gebouw moeten voldoen aan bepaalde voorwaarden wat de gebruikte bouwmaterialen betreft.” Ze ging ook dieper in op de soorten binnenbronnen, waarvan de CO2-uitademende mens de meest evidente is. Het gebruik van een gebouw kan ook nog andere factoren als binnenbron hebben zoals resuspensie, fijn stof…
Bronreductie en blootstellingsbeperking
Twee soorten factoren beïnvloeden het creëren van een gezond binnenmilieu. “Er is in de eerste plaats bronreductie die we in drie stappen kunnen realiseren. In stap 1 – het bouwen – moet het ventilatiesysteem ontworpen worden in functie van de site, het gebouwgebruik en de buitenbronnen. Bij stap 2 – het inrichten van het gebouw – is het essentieel te kiezen voor lage-emissie kantoor-, decoratie- en bouwmaterialen. In de derde fase – het gebruik- moeten tijdelijke bronnen, zoals reinigingsmiddelen, zoveel mogelijk beperkt of vermeden worden. Naast de bronreductie is er tijdens de gebruiksfase de blootstellingsbeperking : er moet geventileerd worden in functie van het gebouwgebruik, de bezetting en de te verwachten binnenbronnen”, besluit dr. Stranger.
Voorkomen beter dan genezen
Met zijn uiteenzetting over de impact van Indoor Air Quality op welzijn ging dr. ir. Tom Geens, teamleider Wetenschappelijke Dienst bij HR-dienstverlener Liantis, in op de sociale aspecten. In Europa hebben 2,2 miljoen inwoners astma ten gevolge van een slecht binnenmilieu in hun woning. Tom Geens wees er op dat er in een gebouw een compromis moet zijn tussen ventilatie en energie-efficiëntie. Enkel zo worden klachten als allergieën, astma en eczeem vermeden. Gebouwen met een hoge isolatiegraad en dus een laag energieverbruik vereisen een degelijk ventilatiesysteem. “Preventief werken verdient de voorkeur. Daarom breken wij een lans om met de eindgebruikers te interageren. Zo stelt het departement Omgeving van de Vlaamse Gemeenschap sinds kort gratis de map ‘Bouw gezond’ ter beschikking. Een ander instrument is de WELL-standaard die toelaat zelf een eigen project aan te melden om dit alles optimaal te kunnen sturen, zo bleek op een recente studiedag van de Vlaamse Ergonomie Vereniging in het WTC-gebouw in Utrecht”, aldus Geens.
Energie-efficiënte renovatie leidt niet tot klachten
Ook de Renovair studie, opgestart in 2014, werd toegelicht. Deze had als doel om de impact van energie-efficiënte renovaties op de binnenmilieukwaliteit in huizen en scholen te beoordelen, met inbegrip van maatregelen ter verbetering van het binnenmilieu. “Uit deze studie bleek er geen significante toename van klachten na energie-efficiënte renovaties te zijn”, aldus Geens. “Aandachtspunten zijn onder meer het erkennen van de noden van de gebouwgebruikers, de afstemming van ontwerp en vorm op deze noden en behoeften, en aandacht voor de selectie van bouwmaterialen (thermische, visuele en akoestische omgeving). Ook moet er richting gegeven worden aan andere ontwerpers zoals ingenieurs en interieurarchitecten. Essentieel is verder het opvolgen van de bouwactiviteiten en de uitvoering, en last but not least preventie en bronreductie boven remediëren.”
Geluidsveilige omgeving
Prof. dr. Bart Vinck, audioloog aan de Universiteit Gent, besprak het belang van akoestisch comfort. “Lawaai heeft invloed op alle aspecten van de gezondheid. Wie comfortabel wil wonen in een gezonde omgeving, moet ook aandacht hebben voor een gepaste, akoestische omgeving. Steeds vaker blijkt blootstelling aan zeer lage frequenties (infrasone geluiden), niet enkel voor gehoorproblemen te zorgen, maar ook voor algemene gezondheidsklachten. Dit is een vaak miskend en onderschat probleem. Fabrikanten en bedrijven met focus op ventilatie zetten nu meer in op een geluidsveilige omgeving. Ook de impact van zeer lage frequenties < 20 Hz – bijvoorbeeld bij airco-systemen – is een blijvend aandachtspunt.”
Energiezuinigheid
Hoe Duco-oplossingen op het vlak van ventilatie en zonwering bijdragen tot een optimaal binnenklimaat, werd toegelicht door Dirk Stevens, Sales Manager Belgium bij Duco. Hij ging daarbij dieper in op de diverse aspecten van akoestisch, thermisch en visueel comfort, en legde ook de nadruk op het aspect energiezuinigheid. Aan de hand van een recente nieuwbouwwoning in Oeselgem illustreerde hij de impact van bepaalde Duco-producten op het E-peil. Bij dit project resulteerde een C-systeem, met vraagsturing op toe- en afvoer, in combinatie met doekzonwering, in een E-niveau van 23.
Drie lessen
Dirk Slagmulder van Duco rondde de studienamiddag af: ”We leerden dat het bereiken van een optimaal binnenklimaat geen evidentie is, maar dat het wel een prioriteit zou moeten zijn voor alle voorschrijvers in de bouw, gelet op de impact op het welzijn van de bewoner. Zo mag het belang van akoestisch comfort niet onderschat worden. Specifiek qua systeemoplossingen kunnen we drie lessen trekken. Eén: een D-systeem is niet per se noodzakelijk om aan de energetische eisen te voldoen. Vaak scoort een C-systeem met vraagsturing op de toevoer (DucoTronic) beter, en er is minder kanaalwerk voor nodig. Een tweede element is de enorme impact op het E-peil van vraag- en zone-sturing voor wie toch voor een D-systeem kiest, met name een extra verbetering van het E-peil met 6 tot 8 punten. Een derde element voor wie ten volle milieubewust wil bouwen, is het Eco-systeem, een sterk vraaggestuurd C-systeem dat in rekening wordt gebracht voor het aandeel hernieuwbare energie.”
Door Philip Declercq
Foto’s: Duco













