FEDERATIES  
Install Magazine 957 – februari 2019

Trends in de installatiesector

Ledenbevraging van Techlink

Vorig jaar werd Techlink boven de doopvont gehouden, de gezamenlijke vereniging voor installateurs elektriciteit en sanitair-verwarming. Techlink wil uiteraard weten wat haar leden bezighoudt, en organiseerde daarom een online ledenbevraging. De resultaten werden voorgesteld op de tweede editie van Installday.

Een overzicht van de sector

Installday is een combinatie van vakbeurs en netwerkevent, dat Techlink met de ondersteuning van de Confederatie Bouw opzet voor zijn leden. De tweede editie vond plaats op 23 november in Kart-Expo in Groot-Bijgaarden en bleek een schot in de roos. Met 30% meer exposanten en 2500 bezoekers kon de vereniging terugblikken op een geslaagd evenement. Waar Installday vorig jaar het decor vormde voor de aankondiging van de nieuwe installateursvereniging, was het nu de gelegenheid om de sector te laten kennismaken met de eerste initiatieven van Techlink.

Een eerste bekommernis van een vakvereniging is om te weten wat er bij de leden leeft. Daarom organiseerde Techlink een online ledenonderzoek. Op Installday werden de eerste resultaten voorgesteld, gebaseerd op de antwoorden van 122 deelnemers, ongeveer gelijk verdeeld tussen installateurs sanitair-verwarming en elektriciteit. In het volgende artikel gaan we vooral in op de sectoren van sanitair en verwarming.

Grenzen vervagen

Een eerste vaststelling is dat de sector overwegend uit kleine bedrijven bestaat: veruit de grootste categorie met 33% zijn bedrijven met een tot vier werknemers, gevolgd door eenmanszaken met nog eens 16%. Uitgesplitst naar specialiteit, is dit effect nog meer uitgesproken voor verwarming-sanitair dan voor elektro. In de bedrijven van PC124 valt niet minder dan 40% in de categorie 1-4 werknemers, en nog eens 16% zijn eenmanszaken.

Met de stelling dat het onderscheid tussen de installateurs elektro en HVAC/S vervaagt, gaat de meerderheid van de bedrijven akkoord. Er is een duidelijke trend op de markt dat klanten een enkel aanspreekpunt verkiezen voor alle technieken. Kijken we naar de activiteiten die de bedrijven uitvoeren, dan valt op dat elektrobedrijven iets meer in HVAC/S uitvoeren dan de HVAC/S bedrijven aan elektriciteit doen.

Wat de marktsegmenten betreft, blijft renovatie het belangrijkste, zowel voor elektro als voor HVAC/S. In deze laatste sector is 85% er ook van overtuigd dat preventief onderhoud een grotere rol zal spelen in de activiteiten. In het type gebouwen is er een verschil tussen beide specialiteiten: waar in verwarming-sanitair de bedrijven overwegend actief zijn in woningen, is de tertiaire sector veel belangrijker in de elektro. Dat vertaalt zich ook in het type klanten: elektro-installateurs werken hoofdzakelijk voor bedrijven, terwijl in HVAC/S de opdrachtgevers hoofdzakelijk particulieren zijn. Elektrobedrijven zien ook een grotere belangstelling voor all-electric oplossingen.

Oog voor de toekomst

Op dit ogenblik zijn installatiebedrijven nog voornamelijk actief in traditionele technieken. Voor elektriciteit is dat installaties op laagspanning en voor verwarming zijn dat condensatieketels op gas. De installateurs hebben echter oog voor de toekomst en willen zich vooral verder specialiseren in warmtepompen en domotica. De interesse in warmtepompen is het sterkst bij verwarmingsinstallateurs, waar 69% zegt meer te willen weten over deze techniek. Op het vlak van de bijscholing van de werknemers, is dat vooral in elektriciteit, ongeacht de specialiteit van de bedrijven. Men is er zich duidelijk van bewust dat ontwikkelingen zoals de energietransitie en digitalisering eraan komen, en men wil daarop voorbereid zijn. Meer dan de helft van de bedrijven is ook van mening dat toepassingen zoals BIM standaard zullen worden voor alle projecten, en niet alleen voor grote en complexe gebouwen.

Personeel is moeilijk te vinden

Negen op tien bedrijven hebben het moeilijk om geschikt personeel te vinden. Daarbij hebben bedrijven HVAC/S het iets moeilijker dan in de elektrosector. Slechts 3% van de bedrijven van PC124 zegt geen problemen te hebben om personeel aan te werven. Het is dan ook belangrijk om bekwame werknemers in de firma te houden. Daarvoor rekenen bedrijven voornamelijk op niet-materiële factoren zoals de sfeer op de werkvloer en de uitstraling van het bedrijf. Salaris komt pas op de derde plaats. Overigens is het niet zo dat bedrijven elkaar werknemers proberen af te snoepen. Als er mensen een bedrijf verlaten, is dat maar in een derde van gevallen om naar een concurrerend bedrijf over te stappen. Veruit de meesten verlaten een bedrijf om zelf een zaak op te starten. Met de gezondheid van de sector is het dus goed gesteld.

Werken op vertrouwen

Wat het aantrekken van de klanten betreft, spelen factoren zoals kwaliteit en vertrouwen een grote rol. Gevraagd naar de redenen waarom klanten zich tot hun bedrijf wenden, dan staat een vertrouwensrelatie op de eerste plaats, gevolgd door service, de professionaliteit van het personeel. De prijs-kwaliteitverhouding is slechts op de vierde plaats. De klant van een installatiebedrijf is dus eerder op zoek naar een betrouwbare partner dan naar een prijsbreker. Dat wordt bevestigd door de manier waarop installateurs zich willen onderscheiden van de concurrenten: dat gebeurt in de eerste plaats door advies, gevolgd door het stipt nakomen van afspraken, klantvriendelijkheid en service. Het contact met de klanten verloopt hoofdzakelijk op de klassieke manier: meer dan de helft van de bedrijven maakt helemaal geen gebruik van sociale media.

Wie die concurrenten zijn, verschilt naargelang de specialiteit. In de elektrosector zijn dat in de eerste plaats andere installatiebedrijven, terwijl de verwarmingsinstallateur zich vooral zorgen maakt over de opkomst van de grote energieleveranciers die een all-in service bieden. Nieuwe initiatieven zoals de deeleconomie laten zich nog niet voelen. Anderzijds is de sector wel ongerust over het effect van de regeling van onbelast bijverdienen. Techlink dringt er net als de Confederatie Bouw op aan dat deze regeling niet zou ingevoerd worden voor de bouwsector. Over het algemeen blijft men vertrouwen hebben in de toekomst: een kleine 80% van de ondernemers gelooft dat zijn bedrijf over tien jaar nog zal bestaan. Dat vertrouwen is wel afhankelijk van de bedrijfsgrootte: eenmanszaken zijn duidelijk meer pessimistisch dan firma’s met meer dat 50 werknemers.

Kortom, de enquete schetst een beeld van een sector met toekomst, die begaan is met de komende uitdagingen. Gezien het belang van de energietransitie is het jammer dat de instroom een probleem blijft.

Door Alex Baumans

Grafieken: Techlink

www.techlink.be