OPLEIDING
Install Magazine 949 – april 2018
Nieuwe competentieprofielen voor de installatiesector
Constructiv werkt nieuwe indeling uit
De installatiesector heeft nood aan werknemers met een aangepaste scholing. De techniek staat niet stil en het streven naar energiezuinige en duurzame systemen brengt alles in een stroomversnelling. Bovendien raken de verschillende vakgebieden meer en meer met elkaar verweven, onder meer door de voortschrijdende digitalisering. Om daarop in te spelen zijn er aangepaste vaardigheden nodig. Daarom heeft Constructiv, de organisatie die onder meer het voormalige FVB overkoepelt, een reeks beroepscompetentieprofielen opgesteld. Op basis van die profielen kunnen scholen en andere instellingen aangepaste opleidingsprogramma’s uitwerken.
Modernisering van de beroepscompetentieprofielen
Om vraag en aanbod op de arbeidsmarkt op elkaar af te stemmen, moet men enerzijds weten wat er gevraagd wordt voor welke functie, en anderzijds wat de verschillende opleidingen inhouden. Dat kan aan de hand van de juiste beroepscompetentieprofielen. Die vormen een lijst van wat iemand moet kennen en kunnen om een bepaald beroep uit te oefenen. Op basis van die profielen kunnen onderwijsinstellingen, zowel in het dagonderwijs als instanties zoals VDAB of Syntra, dan een passend aanbod uitwerken. In Vlaanderen kunnen die profielen een officiële status krijgen, via erkenning als beroepskwalificatie door het onafhankelijke agentschap AHOVOKS. Dergelijke beroepskwalificaties dienen bijvoorbeeld als leidraad voor het uitwerken van lesprogramma’s in secundaire scholen.
De meest recente beroepscompetentieprofielen in de installatiesector dateren van 2011, en werden opgesteld door het toenmalige FVB-Constructiv, in overleg met de sector. Het basisdocument is het profiel ‘Chauffagist, sanitarist en plaatser van ventilatiesystemen’. Om in te spelen op nieuwe ontwikkelingen, zoals de digitalisering en de opkomst van hernieuwbare energie, heeft Constructiv, de organisatie die het voormalige FVB overkoepelt, het document bijgewerkt en de indeling herbekeken. Dit gebeurde opnieuw in samenwerking met de sector, met onder meer Bouwunie, ICS (nu Techlink) en het WTCB.
Het doel was om tot een serie van beroepsprofielen te komen, die dan konden worden ingeschaald volgens opleidingsniveau aan de hand van Europese criteria. Een belangrijke opmerking is dat Constructiv een nationale vereniging is. De profielen die worden uitgewerkt, gelden dus voor de drie gewesten. De precieze vertaling in concrete onderwijspraktijk verschilt wel in functie van wetgeving in de drie gewesten.
Meer dan een buizenfitter
Constructiv kwam tot een reeks samenhangende beroepsprofielen, met telkens een reeks gespecialiseerde competenties.
Op Vlaams niveau worden die profielen nu door AHOVOKS in beroepskwalificaties gegoten, zodat er aangepaste opleidingstrajecten kunnen worden uitgewerkt. Verschillende hogescholen zijn al geïnteresseerd in de beroepskwalificaties van niveau 5, en zullen passende cursussen opstarten in het schooljaar 2018-19. Dat zal een antwoord bieden op een grote nood aan hoger geschoold personeel. Voor de lagere kwalificatieniveaus, die zich hoofdzakelijk in het secundair onderwijs situeren, hoopt men te starten in het schooljaar 2019-20.
Qua indeling in onderwijsniveaus in de Vlaamse Kwalificatiestructuur varieert het van 2 (secundair onderwijs) tot 5 (graduaat) en verder tot 8 (Master). De Vlaamse Kwalificatiestructuur (VKS) komt overeen met de niveaus op Europees vlak van het European Qualification Framework (EQF). Op dit ogenblik is de concrete inschaling van alle kwalificaties nog niet rond.
De basiskwalificatie is ‘monteur installatietechnieken’, ingedeeld in drie specialisaties: ventilatie en luchtkanalen, centrale verwarming, en sanitair. Een monteur heeft in principe alleen uitvoerende taken. Deze kwalificatie treft men vooral aan in grotere bedrijven die projecten realiseren. Als uitbreiding is er een speciale competentie: lasmonteur centrale verwarming. Dat weerspiegelt de huidige praktijk waarbij laswerk meer en meer een specialistentaak wordt. In de standaardopleiding tot monteur hoeft men dus niet meer per definitie te leren lassen.
De stap hoger is vakman installatietechnieken, opnieuw ingedeeld in ventilatie, centrale verwarming, en sanitair. Op dit niveau moet men ook diverse toestellen kunnen aansluiten om een complete installatie af te leveren. Naast het basisberoep vakman installatietechnieken zijn er ook drie uitbreidingmodules op dit niveau: zwembadinstallaties, brandbestrijdingsinstallaties en installaties voor medische en industriële gassen. Die moeten gezien worden als een bijkomende specialisering voor iemand die al de opleiding tot vakman heeft afgerond.
De volgende stap is technicus installatietechnieken. Dit is EQF-niveau 4, met andere woorden de derde graad TSO of gelijkwaardig. Om te voldoen aan deze kwalificatie, moet men toestellen kunnen plaatsen en instellen, en ook onderhoud en herstellingen kunnen uitvoeren. Opnieuw is er een indeling in ventilatie, centrale verwarming, en sanitair. Een uitbreiding is brandertechnicus (gas, vloeibare of vaste brandstoffen). Dit komt overeen met de eisen die gesteld worden voor de erkende technici voor onderhoud en controle van verwarmingstoestellen. Daarnaast is er een nieuw beroepskwalificatie: technicus hernieuwbare energie. Dit is ook een kwalificatie van niveau 4, met als specialisaties zonnethermische systemen, warmtepompen, biomassa of PV-installaties. Het is de bedoeling dat afgestudeerde technici installatietechniek een of meer van deze specialisatie in hernieuwbare energie zullen volgen.
Parallel met de installatietechniek is er een aparte opleiding voor koeltechniek, ingedeeld in koelmonteur (niveau 3) en koeltechnicus (niveau 4).
Boven de technicus komt er een volledig nieuw niveau, dat overeenstemt met EQF-niveau 5 (graduaat of hogeschool) en dat drie beroepen telt. De introductie van een bijkomend niveau weerspiegelt de toegenomen techniciteit van de sector, waardoor er hoger geschoolden nodig zijn. Een eerste beroep op dit niveau is regeltechnicus klimatisatie. Sturing en regeling winnen steeds aan belang. Naarmate er meer gecombineerde en hybride installaties komen, zal dit alleen maar toenemen. De regeling laat men dan best aan een specialist over. Een tweede beroep is coördinator installatietechnieken. Deze laatste moet ook instaan voor het ontwerp en de berekening van installaties sanitair en verwarming. Een bedrijfsleider zou zeker dit niveau moeten hebben. Daarnaast is er specialist hernieuwbare energie, met dezelfde kennis en verantwoordelijkheden, maar dan toegespitst op duurzame technieken.
Onderwijs en certificering
Een veelgehoorde klacht in de sector is dat afgestudeerden niet meteen inzetbaar zijn in een bedrijf, omdat ze niet beschikken over diverse certificaten (Cerga, technicus gasvormige of vloeibare brandstoffen, RESCERT...), die nodig zijn voor het beroep. Die certificaten kunnen echter niet door het dagonderwijs worden uitgereikt. De kennis en vaardigheden die daarvoor vereist zijn, komen echter wel aan bod in de overeenkomstige beroepskwalificatie. Wie dus de opleiding tot een van die kwalificaties volgt, heeft de nodige bagage om gemakkelijk de overeenkomstige certificatie te halen. Wie slaagt als, bijvoorbeeld, brandertechnicus gas, zou geen problemen mogen hebben om erkend te worden als technicus gasvormige brandstoffen GI.
Constructiv
Constructiv is een dienstverlenende organisatie van en voor de bouwsector. Ze is ontstaan uit het samengaan van de sectorfondsen FVB, NAVB en het Fonds voor Bestaanszekerheid. Door deze eengemaakte structuur kan Constructiv een brede waaier aan diensten aanbieden, zowel qua opleiding, veiligheid en preventie, evenals sociale bescherming.
Zo omvat de werking van Constructiv alle activiteiten van het vroegere FVB. Constructiv organiseert zelf geen cursussen, maar zorgt ervoor dan aanbieders (VDAB, Syntra, bedrijven... ) in contact komen met geïnteresseerden. Tevens ondersteunt het aanbieders bij het uitwerken van opleidingen. Voor de installatiesector zijn er bijvoorbeeld een reeks handboeken uitgewerkt, die gratis beschikbaar zijn in digitale vorm op de website. Wie een versie op papier wil, kan die tegen een kleine vergoeding bestellen. Tenslotte biedt Constructiv een belangrijke financiële ondersteuning aan wie erkende vakopleidingen wil volgen. Zo levert Constructiv een tussenkomst in het loon van werknemers die cursussen volgen tijdens de werkuren, of zorgt het voor aangepaste steun en premies als de cursussen buiten de werkuren vallen.
Vanuit het takenpakket van het voormalige NAVB biedt Constructiv expertise en informatie over veiligheid en welzijn op de werf. Er is bijvoorbeeld gedetailleerde informatie voor veilig werken met asbest. Door de bundeling van de krachten en de verhuis naar de nieuwe kantoren, zijn er heel wat synergiën ontstaan op het vlak van de administratie, zodat Constructiv nu een efficiëntere en meer geïntegreerde service aan de sector kan bieden.
Door Alex Baumans
Foto’s: Constructiv












