SANITAIR  
Install Magazine 992 – september 2023

Water besparen door aangepast kraanwerk

Oplossingen van Schell

Door de klimaatverandering moeten we rekenen met langere droogteperiodes. In België valt het voorlopig nog mee, maar de problemen in Zuid-Europa bewijzen dat we nog niet uit de gevarenzone zijn. Bewust omspringen met drinkwater is dus geboden. Kraanspecialist Schell wijst erop dat er met aangepast kraanwerk al heel wat te besparen valt, met een minimum aan investeringen.

Besparen in een handomdraai

Een eerste manier om water te besparen, is de hoekregelkraan, het product waar Schell bij uitstek mee geïdentificeerd wordt. “We noemen dit niet voor niets een regelkraan” stelt Jeroen Roelands, project manager bij Schell, “De bedoeling ervan is om het debiet te regelen, hoewel deze functie in de loop van de jaren naar de achtergrond verdwenen is. In de meeste gevallen wordt deze kraan gebruikt als om een bepaald tappunt te kunnen aan- of afsluiten, als was het een eenvoudige bolkraan. Men kan er echter ook het debiet mee beperken. Als men dus gewoon de hoekregelkraan wat meer dicht draait, kan men tot 40% water besparen.”

Met behulp van de hoekregelkranen kan men bovendien het debiet van de warme en koude toevoer naar een eengreepsmenger instellen, zodat de middelste stand een aangename temperatuur geeft. Ondertussen groeit het besef dat het vanuit energie-oogpunt niet optimaal is om vanuit de beginstand van een eengreepsmenger meteen mengwater te tappen. Er zijn dan ook meer en meer eengreepsmengers op de markt die koud water leveren vanuit de centrale stand. Het is echter minder geweten dat men een gelijkaardig effect kan bereiken door de debieten van de koude en warme toevoerleiding aan te passen.

“Het mooie van deze aanpak is dat het geen enkele extra investering vraagt,” benadrukt Jeroen Roelands. “Zowat elk tappunt is al voorzien van een hoekregelkraan. Het komt er gewoon op aan om de mogelijkheden hiervan te benutten.”

Straalregelaars

Een ander eenvoudig maar miskend element is de straalregelaar. Er zijn regelaars in verschillende soorten, met verschillende doeleinden. Een ervan is water besparen. Standaard zijn de Schell wastafelkranen uitgerust met een straalregelaar die voor een aangename straal zorgt bij een debiet van 5 l/min. In de elektronische kraan Modus E is er een extra zuinige uitvoering die het debiet tot 3,8 l/min beperkt. Schell gaat nu een stap verder. Voor projecten die BREEAM of LEED-certificering nastreven heeft de fabrikant ultrazuinige straalregelaars ontwikkeld. Voor BREEAM kan het debiet gereduceerd worden tot 3 l/min en voor LEED zelfs tot 1,3 l/min.

“Het effect van een zuinige straalregelaar gaat veel verder dan het waterverbruik aan dat specifieke tappunt,” vult Jeroen Roelands aan. “Als het tapdebiet daalt, betekent dat ook dat men kan volstaan met kleinere diameters in de toevoerleiding. Dat heeft op zijn beurt dan weer gunstige gevolgen voor hygiëne en energieverbruik, zeker in de warmwaterleidingen. De installatie heeft dan immers een lagere waterinhoud, zodat er ook een kleinere hoeveelheid stagnerend water zal zijn bij periodes van laag verbruik. Dat vermindert de kans op bacteriegroei, in de eerste plaats van legionella. Bij de warmwaterleidingen zal er ook minder water weer afkoelen, zodat er minder energie verloren gaat. Zo leidt een ogenschijnlijk banaal element tot een totaal ander ontwerp van de installatie.”

Hulp bij het halen van LEED en BREEAM-certificaten

Het is dus van belang dat een bedrijf als Schell vroeg genoeg bij een project betrokken wordt, anders blijft er een heel besparingspotentieel onbenut. Hiervoor volgt Jeroen Roelands de grotere installateurs en de projectafdelingen van groothandels op om te tonen wat Schell kan betekenen als er een energiezuinig project op stapel staat.

Schell trekt immers volop de kaart van de duurzaamheid, en heeft speciale brochures gemaakt over de manier waarop de Schell-oplossingen kunnen bijdragen tot een betere score in LEED en BREEAM. Beide certificatiesystemen werken immers op een gelijkaardig principe: een gebouw kan punten scoren in verschillende categorieën. Het uiteindelijke totaal van al die scores bepaalt dan in welke klasse het afgewerkt gebouw terecht komt. In de brochures wordt dan voor de relevante categorieën opgelijst hoe men de score kan verbeteren door toepassing van het juiste Schell-materiaal. Technische ondersteuning bieden bij deze projecten behoort ook tot het takenpakket van Jeroen Roelands. Het besef van de noodzaak om duurzaam te bouwen, groeit jaar na jaar, maar opdrachtgevers zijn niet altijd op de hoogte van wat er allemaal mogelijk is. Het komt er dus op aan om de juiste informatie te geven. Tevens moet men naar het totaalplaatje kijken. Dat is gemakkelijk als dezelfde firma instaat voor de bouw en uitbating. In vele gevallen is dat echter gesplitst en dan hebben partijen de neiging om uitsluitend vanuit hun logica te denken. Een installateur zal dan bijvoorbeeld een bepaalde kraan verdedigen omdat die gemakkelijk te plaatsen is, terwijl de onderhoudsfirma eerder de beschikbaarheid van wisselstukken de doorslag zal laten geven in de keuze. Het is dus handig als er een partij aan de tafel zit met een zicht op alle aspecten.

Sensibilisering

Er is echter nog heel wat sensibilisering nodig om het waterverbruik merkbaar terug te dringen. Een aantal maatregelen verdient zich zelf snel terug, denken we maar aan zelfsluitend of elektronisch kraanwerk in openbare gelegenheden. Sommige, zoals een betere inregeling van de debieten met behulp van hoekregelkranen, kosten zelfs helemaal niets. “Er is vooruitgang, maar het gaat traag”, bevestigt Jeroen Roelands. “Een mooi voorbeeld is hoe lang het geduurd heeft eer de tweevolumespoeling van toiletten werkelijk veralgemeend werd. Daarom blijven we ons bij Schell volop de kwestie van waterbesparing op de agenda zetten. Een troef daarbij is dat we gespecialiseerde technische ondersteuning kunnen bieden al van in de ontwerpfase van duurzame gebouwen.”

Door Alex Baumans

Foto’s: Schell

www.schell.eu