VERWARMING
Install Magazine 977 – mei 2021
De rol van gas in de energietransitie
Panelgesprek op ISH
De ISH-beurs in Frankfurt is traditioneel een ontmoetingsplaats waar experts van gedachten wisselen over de uitdagingen voor de sector. Deze editie was niet anders, zij het dat de gesprekken digitaal en vanop afstand verliepen. Zo organiseerde Zukunft Gas, de belangenvereniging van de Duitse gassector, een gesprek over de rol van gas in de energietransitie. De situatie in Duitsland is vergelijkbaar genoeg met die in België ons om ook voor ons van interesse te zijn.
Snelle winst
Het panelgesprek bracht vertegenwoordigers van de netbeheerders, consumenten, huiseigenaars en fabrikanten samen. Over een ding was iedereen het eens: als we het over de toekomst van gas hebben, dan spreken we over gas uit hernieuwbare bronnen. Of dat nu waterstof wordt, dan wel biogas of synthetisch methaan, of een combinatie van dat alles, zal de tijd uitwijzen. Aardgas is in elk geval een eindigend verhaal.
Vanuit de gassector wil men echter benadrukken dat op de korte termijn aardgas nog zeker een rol kan spelen. Er staan nog heel wat verouderde atmosferische ketels in werking, dat is in Duitsland niet anders dan in België. Door die installaties gewoon op de stand van de techniek te brengen, is er al een mooie winst te realiseren, en dat kan met minimale aanpassing aan de afgifte-installatie en het gebouw. Vanuit een kosten-baten analyse mag men deze mogelijkheid niet laten liggen.
Groen gas voor gebouwenbestand
Dat warmtepompen een goede oplossing zijn voor nieuwbouw, staat ook vast. De grote uitdaging is echter het gebouwenbestand. Past men hier beter groen gas toe, dan wel warmtepompen? Om parameters van die keuze beter in kaart te brengen, had energiebedrijf Eon een gedetailleerde studie laten maken van Essen, een oude industriestad in het Ruhrgebied. De stad wordt gekenmerkt door een vrij dichte bebouwing, met een grote concentratie aan oudere woningen, omringd door groenere stukken. De bevolking behoort tot verschillende inkomensklassen, met de minder begoeden in de oudere fabriekswijken, terwijl de financieel sterkere gezinnen ruimer en groener wonen.
Om de impact van verschillende scenario’s te simuleren, werd uitgegaan van een digitaal model van de stad: er werden verschillende representatieve gebouwtypes gedefinieerd (bouwjaar, afmetingen, bouwwijze....), waarmee dan een digitale weergave, de ‘digital twin’ van de diverse wijken werd opgebouwd. Op dit ogenblik telt Essen ongeveer 312.000 gezinnen, verdeeld over ongeveer 102.000 woningen met een totale warmtebehoefte van 5,2 TWh per jaar. De verwarming gebeurt overwegend op gas (53%), gevolgd door stookolie (17%) en stadsverwarming (13%). Opvallend is ook dat 13% verwarmt met elektrische accumulatiekachels en slechts 1% met warmtepompen.
Uit de simulatie blijkt dat een all-electric scenario (weliswaar met behoud van het warmtenet) een dure aangelegenheid zou worden. Niet alleen moet het elektriciteitsnet aangepast worden om het nodige vermogen te kunnen leveren, er is ook een grote renovatie-inspanning nodig. Het grootste deel van het bestand is immers niet geschikt voor lage-temperatuurverwarming. Dat alles zou ertoe leiden dat de financiële lasten voor de gezinnen (verwarmingskost + renovatie) meer dan zouden verdubbelen tegen 2050. Dit lijkt dan ook een weinig haalbaar scenario.
Een uitbreiding van het warmtenet in combinatie met groen gas biedt daarentegen wel perspectief voor de bestaande woningen. In dit scenario zou slechts 28% van de gezinnen overschakelen op warmtepompen, terwijl de stadskern zou aansluiten op stadsverwarming (37%) aangevuld met groen gas (30%). Ook dit zou tot een stijging van de totale kost voor verwarming in het gezinsbudget leiden, maar die blijft beperkter. Bovendien zouden de meer ingrijpende werken (totaalrenovatie + warmtepomp) voornamelijk in de meer begoede wijken gebeuren, waar de financiële draagkracht groter is. De overschakeling op groen gas zou wel tot hoge brandstofkosten leiden (in deze studie ging men uit van een verdubbeling van de huidige gasprijs en een lichte daling van de elektriciteitsprijs). Als men echter begint met groen gas bij te mengen, en het aandeel systematisch te verhogen, kan men een financiële schok voor de gezinnen verzachten.
In deze visie is de introductie van groen gas dus een sociale correctie op de kosten van de energietransitie, en een manier om de beperking door de lage renovatiegraad te omzeilen. Het panel maakte wel de opmerking dat deze studie specifiek was voor een oude industriestad zoals Essen: een concentratie van oude gebouwen met een goed uitgebouwd gasnet. Op het platteland liggen de kaarten anders: het gasnet is er minder dicht, en er zijn meer mogelijkheden om boringen aan te leggen of buitenunits van warmtepompen te plaatsen. De economische haalbaarheid van warmtepompen is er dan ook groter.
De infrastructuur
Zowel de netbeheerders als de fabrikanten hebben er alle vertrouwen in dat een overschakeling van aardgas op groen gas technisch kan lukken. Van alle mogelijkheden is waterstof het meest ingrijpend, maar de aanpassingen zijn beperkt. De huidige generatie ketels kan een beperkte bijmenging van waterstof aan, en toestellen op 100% waterstof zitten in de pijplijn. Ook voor het gasnet zelf zijn er weinig problemen. Oude leidingen worden nu al systematisch vervangen door leidingen in PE, die geschikt zijn voor waterstof. Bovendien zijn methaan-waterstof mengsels geen onbekend terrein: stadsgas kon tot 50% waterstof bevatten. De sector heeft al ervaring opgedaan met de overgang van stadsgas naar aardgas, en zit nu volop in de overschakeling van L-gas op H-gas, zonder noemenswaardige problemen.
Oplossingen combineren
Groen gas is echter geen mirakeloplossing. De productie ervan heeft een kost, en er zijn nog andere vragende partijen, in de eerste plaats het transport en de industrie. Het zal in elk geval maar beperkt voorradig zijn. We zullen er dus weloverwogen mee moeten omspringen: alleen gebruiken waar het zinvol is, en dan in een zo efficiënt mogelijke installatie.
Het biedt wel een alternatief om gebouwen te decarboniseren. In dit verband pleit Zukunft Gas voor een zo groot mogelijke technologische diversiteit. Hoe meer mogelijkheden we hebben, hoe sneller we tot koolstofneutrale gebouwen zullen komen. Het debat wordt al te dikwijls gevoerd vanuit een afwijzing: geen kernenergie, geen koolstofopslag, geen energie-import uit bepaalde delen van de wereld..., terwijl we in tegendeel alle zeilen moeten bijzetten om van fossiele brandstoffen af te raken.
Door Alex Baumans
Grafieken: Zukunft Gas












