FEDERATIES  
Install Magazine 967 – februari 2020

ATTB pleit voor einddatum atmosferische ketels

Naar goede gewoonte geeft ATTB, de vereniging van Belgische leveranciers van verwarmingsmateriaal, een overzicht van het afgelopen jaar en een vooruitblik naar de toekomst. Een eerste vaststelling is dat 2019 erg sterk op 2018 leek. Dat is geen goed nieuws, want, willen we werk maken van de energietransitie, dan moeten we volop overschakelen op energiezuinige technieken. Nu blijven we integendeel ter plaatse trappelen. De vereniging pleit dan ook voor meer doortastende maatregelen.

Stagnerend beleid

Op de verwarmingsmarkt zetten de trends van de afgelopen jaren zich door. Gasketels blijven de markt overheersen: de beweging is licht positief en men komt uit op ongeveer 220.000 stuks. De algemene trend van stookolie blijft dalend: het langjarig gemiddelde staat op -17%. Thermische zonne-energie kent een stabilisatie, na jaren van terugval. Vooral in collectieve installaties doet deze techniek het goed, en men verwacht veel van toepassingen in warmtenetten. De grootste stijger zijn opnieuw de warmtepompen, met een groei van ongeveer 30%. Deze techniek heeft vooral een plaats verworven in nieuwbouw. Nochtans blijven de absolute aantallen eerder klein. Warmtepompboilers gaan er jaar na jaar sterk op vooruit, onder meer omwille van de premies. Deze toestellen zorgen ook voor een aanzienlijke besparing op het elektriciteitsverbruik, wat voordelig is gezien de hoge elektriciteitsprijzen. We kunnen 2019 dus omschrijven als ‘meer van hetzelfde’. Een echte energieomslag blijft uit.

De stagnatie op politiek vlak helpt daar niet bepaald bij. De regeringsvorming op federaal vlak blijkt bijzonder moeizaam. De verschillende regionale regeringen hebben al wel klimaatplannen opgesteld, maar alleen in Vlaanderen worden daar vooralsnog concrete maatregelen aan verbonden. Het verbod op stookolieketels in nieuwbouw vanaf 2021 is grotendeels een maat voor niets, gezien stookolie zo goed als uitsluitend in renovatie wordt toegepast. Het verbieden van individuele gasketels in grote nieuwbouwappartementen sluit in elk geval aan bij de beweging naar meer gecentraliseerde stookplaatsen met warmtenetten.

Hoopgevend is in elk geval dat Vlaanderen ook volop inzet op innovatie, en een pionier wil worden op het vlak van waterstof. Er worden diverse projecten hierrond opgestart waardoor er een klimaat van vernieuwing ontstaat. Dat kan de sector alleen maar ten goede komen.

Naar een lage-emissiezone voor ketels?

Om een echte omslag te bereiken is er meer nodig. ATTB doet in dit verband het voorstel om een einddatum vast te leggen voor niet-condenserende atmosferische ketels. Er staan naar schatting nog ongeveer 2 miljoen dergelijke toestellen in België. Door die gewoon te vervangen door hedendaagse condensatieketels, bespaart men in een klap al 2 megaton CO2, of ongeveer 13% van de doelstellingen voor 2030. Bovendien zijn hier geen enkele technologische risico’s aan verbonden: condensatieketels zijn een bekende en betaalbare techniek, en de rest van de installatie hoeft nauwelijks aangepast te worden. Als men dat nog combineert met een renovatie en eventueel gekoppeld aan hernieuwbare energie, is de besparing nog groter. Hier ligt een snelle winst te rapen.

De tijd voor een dergelijke maatregel is rijp. ATTB verwijst hiervoor naar de lage-emissiezones die nu in diverse steden worden ingevoerd. Er bestaat dus wel degelijk een draagvlak om vervuilende technieken te verbieden, zeker als er schonere alternatieven algemeen beschikbaar zijn. Men kan zich trouwens afvragen in hoeverre het zinvol is dat steden maatregelen nemen voor het verkeer, terwijl tegelijk er duizenden verouderde ketels in werking blijven.

Een strikte kalender voor uitfasering moet ook de eigenaars in staat stellen om de vervanging in te plannen. ATTB denkt hier in de eerste plaats aan de verenigingen van mede-eigenaars van appartementen. Heel wat flatgebouwen hebben nog stookplaatsen met totaal verouderde ketels, om maar te zwijgen van individuele atmosferische ketels met shuntaansluiting. Dergelijke installaties moderniseren, vergt een totaalaanpak. Door een duidelijke einddatum te stellen, kan een VME de beslissing niet langer voor zich uit schuiven, en kan men de investeringen inplannen.

Een duwtje in de rug

Om de modernisering een extra duwtje in de rug te geven, denkt ATTB aan een premieregeling. Dat die aanpak werkt, wordt onder bewezen in Groot-Brittannië, waar men 15 jaar geleden besliste om volledig over te schakelen op condensatieketels. Door een jaarlijks ‘boiler scrapping scheme’ wordt dan systematisch een deel van het ketelpark vernieuwd. We hebben al een premie om oude gasketels te vervangen. Dat zou kunnen verbreed worden, onder meer door de leeftijdsgrens van de ketels te verlagen. Zo een premie hoeft niet bijzonder groot te zijn; de signaalwaarde ervan is belangrijker. Consumenten lopen niet graag een premie mis. Tegelijk betekent een vaste einddatum dat ze sowieso een oud toestel moeten vervangen. De combinatie is een krachtige motivatie om actie te ondernemen.

Groene taxshift

Verder hoopt ATTB dat er werk wordt gemaakt van een groene taxshift. De energietransitie hangt samen met een grotere elektrificatie van de verwarming. Het grote prijsverschil tussen gas en elektriciteit is daarvoor echter een belangrijke hinderpaal. België scoort op dit vlak het slechtste in Europa; ons land heeft zelfs Duitsland overtroffen. Voor de verkiezingen was er sprake om de prijsstructuur te herbekijken en eventueel te wijzigen zodat de lasten van de groene energie niet uitsluitend op elektriciteit rusten. Daar is sindsdien nog weinig van gehoord. ATTB pleit voor een lastensysteem dat meer rekening houdt met de CO2-uitstoot, om schone technieken ook financieel aantrekkelijker te maken.

Prioriteiten stellen

ATTB dringt er bij de overheid ook op aan om prioriteiten te stellen in de energietransitie. De sector kampt met personeelstekort. Het is dus onwaarschijnlijk dat we alle installaties op tijd zullen kunnen overschakelen op koolstofneutrale technieken. We moeten dus voorrang geven aan die toepassingen waar het meeste winst te halen is. Dit sluit naadloos aan bij de oproep om in de eerste plaats de atmosferische ketels aan te pakken. De middelen zijn beperkt, dus moeten we die zo efficiënt mogelijk inzetten. Door de huidig beschikbare technieken optimaal toe te passen, kan men al een mooie besparing bereiken. Dit zijn investeringen met een gegarandeerd effect.

Door Alex Baumans

www.attb.be