FEDERATIES
Install Magazine 963 – september 2019
Pad uittekenen naar een gebouwenbestand zonder fossiele brandstoffen
Oproep van kennisplatform Pixii
Willen we de klimaatdoelstellingen halen, dan moeten we af van fossiele brandstoffen in gebouwen. De technieken zijn voorhanden, maar worden nog te weinig toegepast. Pixii, het Kennisplatform Energieneutraal Bouwen, pleit bij monde van zijn voorzitter Michel De Paepe voor een duidelijker beleid. Zolang de krachtlijnen niet worden uitgezet, zullen we niet tot een oplossing kunnen komen.
Ommekeer nodig
Een ding is zeker, met business as usual komen we er niet. Aan het huidige tempo verloopt de energietransitie veel te traag. Willen we de uitstootnormen halen, dan moeten we massaal overschakelen op fossielvrije manieren van verwarmen. Professor Michel De Paepe denkt daarbij in de eerste plaats aan warmtepompen en warmtenetten. “Fossiele brandstoffen hebben geen toekomst in woningverwarming,” legt hij uit. “Dat is ook de mening van heel wat van onze leden, waaronder vooruitstrevende bouwbedrijven. Het draagvlak is groot. Naarmate de uitstootplafonds naar omlaag gaan, bewaren we onze fossiele brandstoffen best voor hoogwaardige toepassingen waar er geen alternatieven zijn, zoals de industrie. In Nederland heeft men die stap al gezet. De regering heeft daar besloten om gebouwen af te schakelen van het gasnet, en het weinige aardgas dat nog zal opgepompt worden, in te zetten om de industrie te bevoorraden.”
In dit verband ziet hij ook niet zoveel potentieel in gebouwenverwarming voor groene brandstoffen zoals waterstof, biogas of methanol. Dergelijke brandstoffen zullen veel te kostbaar zijn om zomaar te verbranden in een verwarmingsketel. Ze kunnen veel beter ingezet worden voor transporttoepassingen of als grondstof in de chemie. “Als ze dan toch voor verwarming zullen worden gebruikt, dan is dat alleen zinvol in situaties waar er geen alternatieven zijn, bijvoorbeeld in historische gebouwen waar een energiezuinige renovatie niet realistisch is. Voor het merendeel van het gebouwenbestand zijn passende oplossingen echter nu al voorhanden. Het zou kortzichtig zijn om ze niet te gebruiken.”
Traject uittekenen
Daarom moet het beleid duidelijke keuzes maken. Een mooi voorbeeld is de Europese Investeringsbank die aankondigde dat ze de geldkraan zou dicht draaien voor de fossiele industrie. Een eerste stap, volgens Pixii, zou zijn om een engagement aan te gaan om geen fossiele brandstoffen meer te gebruiken in nieuwbouw. Het is nu immers perfect mogelijk om woningen te bouwen zonder verwarmingsketel. Een volgende stap is dan het versneld uitfaseren van stookolie, ook in de bestaande bouw. Verder moeten er beleidskeuzes gemaakt worden in verband met warmtenetten. Waar moeten er warmtenetten komen? Moet er dan tegelijk een aansluitplicht worden ingevoerd? Niemand zal immers willen investeren in een warmtenet als niet duidelijk is hoeveel gebouwen er daadwerkelijk op zullen worden aangesloten. Pixii is niet alleen een erkende wetenschappelijke onderzoeksinstelling, maar ook een ledenplatform voor ambitieuze ondernemers, die pleiten voor een fossielvrij gebouwenpark. Sinds 2002 trekt Pixii de kaart van energiezuinig bouwen, waarbij de energiebehoefte zoveel mogelijk beperkt wordt.
Er moet ook iets gedaan worden aan de scheefgetrokken prijsverhoudingen tussen energiedragers. Als vele eigenaars nog kiezen voor fossiele brandstoffen, ook in nieuwbouw, dan is het omdat die goedkoper uitvallen. Door een vorm van CO2-taks in te voeren in plaats van de huidige heffingen op energie, uiteraard met sociale correcties, zal de markt vanzelf evolueren naar meer koolstofneutrale systemen.
Qua wetgeving, vindt Michel De Paepe dat de huidige EPB-regelgeving zijn beste tijd gehad heeft. “De regelgeving heeft zijn nut gehad, en de woningen zijn erdoor energiezuiniger geworden. Deze rekenmethode is echter niet meer aangepast aan de huidige stand van zaken. Het is meer aangewezen om over te schakelen op maatregelenpakketten.” In zo een systeem krijgt een eigenaar een lijst met energiezuinige ingrepen voorgesteld, waarvan hij dan een zeker aantal moet realiseren binnen een bepaalde periode.
Sociale dimensie
Men mag de sociale dimensie niet uit het oog verliezen. Pixii ziet geen tegenstrijdigheid tussen energietransitie en sociale rechtvaardigheid. “Nog al te veel gezinnen wonen in verouderde woningen die helemaal niet energie-efficiënt zijn. Door een aanbod te creëren van energiezuinige woningen, hetzij nieuwbouw van sociale woningen, hetzij renovatie, verbetert men de woonkwaliteit en haalt men gezinnen uit energiearmoede, terwijl men tegelijk de uitstoot doet dalen en jobs creëert.”
Woningpas als beleidsinstrument
Communicatie is een cruciaal aspect van het beleid. Als een eigenaar of kandidaat-eigenaar weet wat er tegen een zekere datum met het pand moet gebeuren, dan kan hij daarvoor oplossingen zoeken. Zo wordt het ook duidelijker wat de restwaarde zal zijn van een bepaald gebouw. Pixii ziet hier een rol weggelegd voor de woningpas. Op dit ogenblik is dat niet veel meer dat een virtuele kluis waarin allerlei documenten bewaard worden. Men zou dat kunnen uitbreiden met een lijst van maatregelen die nodig zijn om het gebouw klimaatneutraal te maken. Zo weet een eigenaar of koper precies waar ze aan toe zijn. Dat schept transparantie op de markt.
Bovendien vermijdt met het lock-in effect bij renovatie. Een voorbeeld: wie een warmtepomp plaatst zonder eerst te isoleren, moet voor een krachtiger -en dus duurder- model kiezen. Als men eerst de ramen vervangt en dan pas de muren isoleert, wordt het dikwijls moeilijk om de muurisolatie op de ramen te laten aansluiten. Dergelijke lock-ins zijn moeilijk te verhelpen en moeten dus vermeden worden.
Alleen renoveren als het zinnig is
We moeten ook af van het idee dat het altijd en overal zinvol is om een gebouw te renoveren. Ook hier kan de verbeterde woningpas een goed instrument zijn. Als een koper merkt dat het economisch niet realistisch is om te renoveren, kan hij meteen kiezen voor sloop en heropbouw. De trend van circulair bouwen benadrukt daarbij het hergebruik van bouwmateriaal. Tegelijk kan men aspecten van ruimtelijke ordening in zo een versie van de woningpas opnemen. Wie weet dat er geen toekomst is voor een woning op een bepaald perceel, kan tijdig maatregelen nemen en bijvoorbeeld voor een meer centraal gelegen woning kiezen. Daarvoor moeten de gemeentes wel een visie op woonzones ontwikkelen en een transitiepad opstellen voor wijken. Meer transparantie zal een marktbeweging doen ontstaan naar meer verdichting.
Capaciteit opbouwen
Tenslotte is er meer capaciteit in de bouwsector nodig. Er is een grote nood aan handen om het werk te doen. Michel De Paepe: “Nu studeren er zeer veel mensen af die abstract hebben leren denken, terwijl de maatschappij veel meer mensen kan gebruiken die praktische problemen kunnen oplossen.” Hij pleit voor heroriëntatie van het onderwijs, waarbij enerzijds de academische richtingen selectiever worden en anderzijds de toegepaste richtingen opgewaardeerd worden. “Het publiek heeft nog een te negatief idee van de bouw en de HVAC-sector. Nochtans levert de bouw een belangrijke bijdrage aan de maatschappij, door een comfortabele, gezonde en energiezuinige woon- en werkomgeving te creëren. Het is hoog tijd dat die bijdragen in de verf gezet worden, om meer jongeren te overtuigen om voor een carrière in de sector te kiezen. Als er niet voldoende capaciteit in de sector is, valt de energietransitie in het water.”
Door Alex Baumans











