INSTALLATIE EN GEREEDSCHAP  
Install Magazine 998 – mei 2024

Waterkwaliteit cruciaal voor goede werking van warmtepompen

Fernox vestigt aandacht op de kwestie

Het belang van een goede waterkwaliteit in een verwarmingsinstallatie is de afgelopen jaren steeds groter geworden. Dit begon al met de overschakeling op condensatieketels en hoogrendement circulatiepompen. Deze toestellen leveren hoge prestaties, maar zijn gevoeliger voor vervuiling. Bij warmtepompinstallaties moet men nog meer opletten om corrosie en vervuiling te voorkomen, zeker bij renovatie. Aangepaste maatregelen zijn noodzakelijk. Yves Desplenter van Fernox licht een en ander toe.

Veranderende omstandigheden

“Centrale verwarming is begonnen met atmosferische gietijzeren ketels,” steekt hij van wal. “Hun rendement was niet om over naar huis te schrijven, maar ze waren zo goed als onverwoestbaar. Jarenlang heeft men dus nauwelijks moeten omzien naar waterkwaliteit. Zo zijn er een aantal slechte gewoontes gecreëerd die op de dag van vandaag doorwerken. Een moderne installatie werkt met kleinere doorlaten, of het nu gaat om een ketellichaam of om een pomp, en die zijn nu eenmaal kwetsbaarder voor vervuiling. Het wordt dus belangrijker om ervoor te zorgen dat er zich geen corrosie of slib vormt.”

“Voor warmtepompen met een watervoerend afgiftesysteem speelt dat effect nog sterker. Er is het financiële aspect alleen al. De doorsnee gaswandketel is een massaproduct geworden. Als die de geest geeft, is dat zeker onaangenaam voor de klant, maar het hoeft geen financiële ramp te zijn. Een warmtepomp is echter een investering van ettelijke duizenden euro’s. Als die defect raakt, komt dat veel harder aan.”

“Verder is er de kwestie van de werking van de installatie zelf. Voor een optimaal rendement moeten de verschillende kringen de correcte debieten krijgen. Er wordt dus steeds meer de nadruk gelegd op hydraulisch inregelen. Als de regelorganen echter vervuild of aangetast zijn, wordt een effectieve regeling onmogelijk.”

Effecten van lage-temperatuurverwarming

“Een warmtepompinstallatie verschilt op een aantal vlakken van een installatie met een ketel, en dat heeft zijn gevolgen voor de waterkwaliteit,” legt Yves Desplenter uit. “Het voornaamste verschil zijn de werkingstemperaturen. Naarmate de watertemperatuur in het systeem hoger is, zal zuurstof gemakkelijker uitgassen en gasbelletjes gaan vormen, die dan worden verwijderd in een luchtafscheider. In een traditionele installatie heb je altijd een zone van hoge temperaturen in het ketellichaam. Bij de lage systeemtemperaturen van een warmtepomp zal een klassieke luchtafscheider echter minder goed werken. Het is dan aangeraden om voor een aangepaste bescherming te zorgen. Een mogelijke oplossing is een drukstapontgasser, maar voor residentiële installaties is dat zeer omslachtig. Een chemische behandeling van het water om de installatie te beschermen is dan een interessant alternatief.”

“Door de lagere temperaturen wordt het systeemwater ook niet meer thermisch ontsmet. Er kan zich dus een probleem van bacteriegroei voordoen. Dit is een zeer langzaam proces, en voorlopig zien we het nog weinig opduiken in de analyses. Het gebeurt echter wel degelijk en als er niets tegen gedaan wordt, zal er zich onherroepelijk een biofilm in de installatie vormen. Dit bewustzijn is er al voor industriële toepassingen, en hier zien we dat biocides standaard gebruikt worden in een aantal situaties. Ook in residentiële installaties zal men daar aandacht voor moeten hebben.”

“Een ander fenomeen dat niet uit het oog mag worden verloren, is elektrolytische corrosie. Die processen kunnen worden vertraagd door de geleidbaarheid van het water zo laag mogelijk te houden, bijvoorbeeld door de installatie te vullen met gedemineraliseerd water. Men moet de waterkwaliteit echter opvolgen, want na verloop van tijd zullen er toch stoffen vanuit de installatie in oplossing gaan, wat de geleidbaarheid van het systeemwater zal verhogen.”

“Dat laatste kan in de hand gewerkt worden door een andere eigenschap van warmtepompinstallaties, namelijk de grotere debieten. Om voldoende vermogen over te brengen met een kleiner temperatuurverschil, zijn er grotere debieten nodig. De diameters van de verdeelinstallatie moeten daarop berekend zijn, anders zal men met hoge stromingssnelheden moeten werken. Dat leidt niet alleen tot een hoger energiekost, maar veroorzaakt ook erosie in de leidingen, vooral in bochten en appendages. Dat verzwakt uiteraard die componenten zelf, en zorgt er tevens voor dat er stoffen in oplossing in het systeemwater komen.”

Let op in renovatie

“Onaangepaste diameters komen het meest voor in renovatie, als men de bestaande installatie blijft gebruiken. Naarmate er meer en meer ketels vervangen worden door warmtepompen, groeit ook het risico op problemen,” stelt Yves Desplenter. “Bij een nieuwe installatie mogen we ervan uitgaan dat die correct ontworpen is en dat alle componenten niet vervuild zijn. In een bestaande installatie zit er echter doorgaans heel wat slib. Dat moet absoluut eerst verwijderd worden, anders komt men gegarandeerd in de problemen.”

“Een goede start is niet voldoende; de installatie moet ook beschermd worden gedurende de rest van de levensduur. We hebben nog slechte gewoontes uit de tijd van de atmosferische ketel. Fenomenen die toen echter van onderschikt belang waren, zijn nu cruciaal voor een probleemloze werking. Het is daarom van belang dat de installateur te rade gaat bij een partner met kennis van zaken. Fernox bestaat dit jaar 60 jaar. Het is dus geen eendagsvlieg, maar een firma die een ruime ervaring heeft opgebouwd in verwarmingswater. De Fernox-producten hebben ook een bewezen werking. Tot nu toe zijn we de enige die door het toenmalige WTCB (nu Buildwise) getest werden.”

“Onze boodschap aan de installateurs is dan ook: wees u bewust van het probleem en zoek samen met een ervaren partner een oplossing,” besluit Yves Desplenter.

Door Alex Baumans

www.fernox-nl.be

Foto’s: Fernox